3.15 – Oekraïne | Etappe 11: Bershad – Balta (63 km)

De geluiden van het opbouwen van de markt dringen al vroeg onze hotelkamer binnen. Ruim voor het geplande tijdstip van 5.15 uur zijn we daarom al wakker. De artikelen die er zijn te krijgen variëren van groente en fruit van het omliggende platteland, Hugo Boss tassen (waarmee de meeste Oekraïners lijken te lopen), bloemetjesjurken en schorten. Het leven is opvallend actief op deze vroege zondagmorgen. Al fietsend over het ontwakende platteland passeren we de ‘moloko truck’ (melkwagen). De emmers met melk staan aan de weg en worden leeg gekieperd in de tank. Een beeld dat in Nederland waarschijnlijk al 50 jaar niet meer bestaat. Rustig is het op de weg niet te noemen. De mensen zijn of op weg naar de markt in Bershad of ze laten hun koeien uit.

Over niet meer onderhouden wegen van kinderkopjes moeten we de ene lange helling na de andere op. We proberen zo veel mogelijk op de parallel lopende zandwegen te rijden, om te voorkomen dat alle onderdelen van de fietsen lostrillen. Na een moeizame rit komen we om 8.45 uur aan in een klein dorp, waar we enthousiast worden ontvangen met ijskoude kvas. Ze vinden het prachtig dat we op weg zijn naar Odessa. Sterker nog, ze vinden het geweldig dat we het tweede paar fietsers zijn die ze de afgelopen paar jaar langs hun huis hebben gehad. Vol trots laten ze ons de foto’s zien van een Zweeds koppel, dat hier twee jaar geleden ook al is langsgefietst op weg naar Odessa. Ze willen nog een grap met ons uithalen door ons een fles water cadeau te doen, waar natuurlijk vodka in blijkt te zitten. Iedereen lacht dan hun gouden tanden bloot om deze Oekraïense dijenkletser.

Het landschap dat we vandaag moeten doorkruizen is erg saai en zwaar. De weg over de steile heuvels bestaat meer niet dan wel. We glibberen weg over de weinige kinderkoppen die er nog liggen, of lopen vast in de zanderige bodem. Naar beneden is nog niet zo erg, maar stijgen op zulke wegen is een ware marteling. Het weinige andere verkeer laveert zo veel mogelijk tussen de grootste gaten door. Er gebeurt hier verder weinig: er zijn geen dorpen en al helemaal geen mensen. Met 34 graden is het vooral erg warm. We fietsen langs een meertje, waarin we willen afkoelen. Dit wordt ons echter afgeraden door een bewoner. We denken dat het verstandig is om daar naar te luisteren, want hun standaarden zul al heel wat lager liggen dan de onze. Ik bedoel, Tsjernobyl ligt ook in de Oekraïne.

Zwetend en steunend rijden we dan maar door naar Balta. Daar belanden we op een terras, waar we kvas drinken, in ‘gesprek’ raken met een paar locals, waarna er al snel nog veel meer locals bijkomen om te vernemen wie wij zijn, waar we vandaan komen en waar we naar toe gaan. Onveranderlijk vindt men het maar een raar verhaal dat we voor ons plezier zoveel kilometers aan het fietsen zijn. We worden uitgenodigd om mee te gaan zwemmen. Iets waar met deze hitte graag mee instemmen. Heel Balta lijkt zich aan de waterplas te hebben verzameld. Na een zwempartij hebben we geen zin meer om nog op de fiets te stappen. Op zoek dus naar een hotel. Voor 200 UAH (€ 20,-) hebben we dit keer ronduit een slechte kamer, waarbij de douche, waarvan het gordijn met de minste aanraking naar beneden lazert, moet worden gedeeld. Leuk aan Balta is dat we voor het eerst Odessa op de verkeersborden zien staan. We komen er aan!

Leave a Reply

  Subscribe  
Notify of