Mijn eerste dagen in Oezbekistan had ik me anders voorgesteld. Na vijf dagen bikkelen om Turkmenistan binnen de tijd door te komen, ben ik er wel aan toe om mezelf in Buchara even in de watten te leggen. Lekker eten, een goed bed om in te slapen, verfrissende drankjes op een terras en een beetje rondstruinen door de historische stad. Een groot glas koud bier staat al dagen aan de horizon te stralen. Ik kan er bijna bij, maar dan slaat het noodlot toe. Mijn buik begint funny te doen en ik ben plotseling zo slap als een vaatdoek. Foute boel, denk ik. Ik heb een hotel nodig en snel. Buchara ga ik echt niet halen.
Gelukkig is er een motel waar ik de volgende twaalf uur meer op het toilet dan in het comfortabele bed doorbreng. Echt lekker voel ik me niet. De volgende dag lift ik naar Buchara, waar ik mezelf trakteer op een fijn hotel om bij te komen van al mijn avonturen en de uitputtingsslag die Turkmenistan toch wel was.

Gouden tanden
Met enige vertraging volgt dan toch het grote glas koud bier waar ik zo naar verlangde. Het signaal dat het weer goed met me gaat. Het leven straalt me weer tegemoet. Net als de gouden tanden van de goedlachse Oezbeken.
Tanden vallen hier als rijpe kersen uit. Zou het komen door alle mierzoete drankjes? Het straatbeeld wordt gedomineerd door Pepsi. In een restaurant kan ik kiezen tussen een Pepsi of een minstens zo zoete Miranda. Kleine flesjes of een blikje doen ze hier niet aan. Bestel ik een Pepsi, dan komt er een anderhalve liter fles op tafel te staan. Wat je niet opdrinkt, neem je mee. Met twee van die flessen per dag vallen je tanden vanzelf wel uit.
Ik vind het wel een mooi beeld: die stralend lachende vrouwen, met hun volledig vergulde voortanden in hun blauwe, gele en rode jurken. Oezbeken zijn kleurrijker dan het land waarin ze leven. Een groot deel van het land is woestijn: vlak, dor en bruin. Alleen de oude irrigatiesystemen — ooit opgezet in Sovjettijd en deels nog gebaseerd op veel oudere kanalen — zorgen her en der voor stroken vruchtbare landbouwgrond. Hier wordt katoen verbouwd, dé cash crop van het land, met de hand geplukt door mannen en vrouwen in gewaden en petten, soms zelfs door scholieren die verplicht moeten meehelpen tijdens het plukseizoen.

De waterbron voor al dat groen? De Amu Darja en de Syr Darja — rivieren die ooit de Aralzee voedden, totdat de Sovjetplanners besloten dat katoen belangrijker was dan zeeën. Het resultaat: sappige meloenen in de woestijn, en een binnenzee die nu vooral op een maanlandschap lijkt. Voor een fietser voelt het als fietsen door een eco-paradox: eerst uren stofhappen, dan ineens tussen de meloenstalletjes en het frisse groen.
De Oezbeken zijn kleurrijker dan het land waarin ze leven
De mannen rijden rond op hun rode tractor, terwijl de vrouwen in hun gekleurde gewaden het onkruid wieden. Vrolijk word ik toegezwaaid als ik passeer. Mijn salom wordt steevast begroet met een brede lach. Kinderen proberen mij op hun Chinese fiets bij te houden, terwijl we vrolijk babbelen in een mix van Engels en Russisch.
Ik passeer door ezels voortgetrokken karren en blauwe trucks met hoog opgestapelde geeloranje balen hooi. Langs de weg worden meloenen en goudgele appels verkocht. In de woestijn wordt her en der gefermenteerde kamelenmelk aangeboden, dat bruist als spa rood. In de plaatsjes die ik passeer is het kebab dat de klok slaat. Maar ook is er somsa: in een steenoven gegaarde vleespasteitjes. Nog beter is de lagman (noodle soep), wat betekent dat ik in de buurt van China kom.

Buchara en Samarkand
Oezbekistan is een behoorlijk saai land om doorheen te fietsen. Het landschap is minimaal zo eentonig als in Turkmenistan. Het zijn de steden die hier de show stelen. Buchara en Samarkand behoren tot de beroemdste steden langs de Zijderoute, ooit kruispunten van karavanen, kennis en culturen.
Buchara was eeuwenlang een centrum van islamitisch leren. De stad kende tientallen medresses en moskeeën, waarvan de meeste tegenwoordig prachtig gerestaureerd zijn. In de Sovjettijd werden religieuze gebouwen grotendeels gesloten of herbestemd — moskeeën werden opslagplaatsen, madrassa’s werden musea. Veel geloof verdween ondergronds, maar bleef leven in huizen en harten.
Sinds de onafhankelijkheid is er sprake van een religieuze revival, al is die voorzichtig. De overheid houdt de moskeeën nauwlettend in de gaten en benoemt zelf de imams. In steden als Buchara zie je het resultaat: schitterende madrassa’s waar geen les meer wordt gegeven, maar wel souvenirs worden verkocht. Religie als erfgoed, met een randje folklore.
De smalle straten zijn gevuld met karakteristieke koppen, tapijtwinkels en traditionele jurken. De laatste jaren is Buchara grondig gerenoveerd en voorzien van tientallen hotels, wat helaas ook betekent dat de rauwe randjes zijn verdwenen. Alles is net een beetje te netjes geworden, alsof de stad zichzelf in een ansichtkaart heeft veranderd.

Ook Samarkand heeft de nodige aandacht gehad, maar blijft indrukwekkend. Nog steeds zijn er weinig plekken zo magisch als het Registan in het vroege avondlicht. Dit grote plein, met aan drie zijden een volledig betegelde medresse, is als een levend decorstuk uit een sprookje. De blauwe tegels reflecteren het laatste zonlicht, en zodra de avond valt, worden de gebouwen feeëriek verlicht.
Na zes uur ’s avonds is het plein afgesloten voor het publiek. Agenten in groene uniformen handhaven de regels en spekken hun eigen portemonnee. Fluisterend komt er een groen mannetje naar me toe als ik met mijn statief sta te fotograferen. Voor drie dollar kan ik in alle rust de medresses bekijken en voor een paar dollar meer mag ik de minaret beklimmen. De prijzen zijn onderhandelbaar. Hij is een beetje huiverig voor zijn baas. Niet omdat hij bang is betrapt te worden, maar omdat hij te weinig bijverdiend.

Tussen verleden en Pepsi
Oezbekistan voelt als een land gevangen tussen eeuwenoude pracht en post-Sovjet realiteit. Na de val van de Sovjet-Unie in 1991 werd Oezbekistan zelfstandig, maar de onafhankelijkheid was vooral politiek — het systeem bleef in veel opzichten hetzelfde. Islam Karimov regeerde het land met harde hand tot zijn dood in 2016, met censuur, persoonsverheerlijking en een economie die vooral draaide op katoen en controle.
Pas sinds zijn opvolger, Mirziyoyev, is er langzaam ruimte ontstaan voor hervormingen, internationale samenwerking en voorzichtig toerisme. Voor mij als fietser betekent dat: steeds minder politieposten die je paspoort willen zien, en steeds meer mensen die gewoon nieuwsgierig zijn waarom je in vredesnaam vrijwillig in deze hitte aan het fietsen bent.
Dat alles drink ik weg met mijn grote fles Pepsi, terwijl de zon zakt achter een rij blauwe koepels. Mijn fiets staat tegen de muur van een oude caravanserai, en ik heb geen idee waar ik morgen slaap. Maar mijn maag voelt weer oké, mijn benen zijn sterk, en de gouden tanden van de voorbijlopende vrouw blinken me schitterend tegemoet.