Een paar dingen die ik anders vergeet. Het handen geven, om te beginnen. In Perechyn ging het schudden van handen, van bekenden en half-bekenden, de hele dag door, en alleen tussen mannen; elkaar aankijken of stevig knijpen hoeft niet, een losse polsbeweging volstaat. Naar het oosten, in Kamianets-Podilskyi, lijkt het gebruik af te nemen en geven alleen echte bekenden elkaar nog een hand.
Een rij is geen rij
Een rij betekent hier dat je dicht in elkaars persoonlijke ruimte gaat staan, zo dicht dat het op een groep vrienden lijkt die op hetzelfde wacht. Je moet elke ruimte die valt meteen opvullen, anders ben je je plek kwijt. Word je aan een loket geholpen, dan staat er gerust iemand tegen je aan; voorgedrongen wordt er niet, want jij bent gewoon aan de beurt, maar privacy krijg je er niet bij. Als we staan te pinnen komt een oud vrouwtje zo dichtbij staan dat onze Nederlandse reflex zich afvraagt of ze te vertrouwen is.
Een rij betekent hier dat je dicht in elkaars persoonlijke ruimte gaat staan.
Koffie en honden
Bekertjes koffie uit een straatkiosk zijn een geliefde bezigheid, maar verwacht geen goede koffie: meestal oploskoffie waarvan je er twee nodig hebt om wakker te worden. Soms word je verrast door een espresso die je de tanden uit de mond slaat; je weet nooit wat je krijgt, en dat geldt net zo goed voor restaurants, waar de soep best als toetje kan komen. En dan de zwerfhonden, die tot aan Kolomyia overal op straat lagen, bijgevoerd en met rust gelaten, een vast onderdeel van de samenleving. Af en toe rennen ze achter de rode tassen aan, maar meestal zijn ze te lui om te reageren. In Chernivtsi waren het er al minder, en in Kamianets-Podilskyi zien we er geen meer.