De geschiedenis van het moderne Zambia begint bij het koper. Aan het einde van de negentiende eeuw bracht de Britse zakenman Cecil Rhodes het gebied ten noorden van de Zambezi onder het gezag van zijn British South Africa Company, op zoek naar delfstoffen. Het land werd naar hem Noord-Rhodesië genoemd, om het te onderscheiden van Zuid-Rhodesië, het huidige Zimbabwe. In 1924 nam de Britse kroon het bestuur over. Toen kort daarna in het noorden enorme koperlagen werden aangeboord, veranderde het gebied in korte tijd.


De Copperbelt en de koloniale economie
In de jaren twintig en dertig ontstond langs de grens met Congo de Copperbelt, een reeks mijnsteden als Kitwe, Ndola en Chingola die vrijwel uit het niets werden opgetrokken. Duizenden Afrikaanse arbeiders trokken vanuit het platteland naar de mijnen, en de bevolking van het noorden verstedelijkte razendsnel. De kolonie draaide voortaan op koper: de winst ging naar Britse en Zuid-Afrikaanse bedrijven, terwijl de zwarte mijnwerkers in gescheiden woonkampen leefden en veel minder verdienden dan hun blanke collega’s. Die ongelijkheid werd de kern van het latere verzet, want juist in de mijnsteden ontstonden de eerste vakbonden en politieke bewegingen.
De koloniale hoofdstad lag aanvankelijk in Livingstone bij de Victoria Falls, tot die functie in 1935 verhuisde naar het centraler gelegen Lusaka. Overal in het land liet de kolonisatie sporen na die nu nog zichtbaar zijn: de spoorlijn van de kust naar de Copperbelt, de rechte koloniale straten in de oude stadscentra, en het Engels als bestuurstaal.
De koperlagen van de Copperbelt liggen zo dicht bij het aardoppervlak dat de eerste mijnbouwers ze konden vinden aan de kleur van de grond en de planten die er groeiden.

Federatie, verzet en onafhankelijkheid
In 1953 voegden de Britten Noord-Rhodesië samen met Zuid-Rhodesië en Nyasaland (het huidige Malawi) tot de Federatie van Rhodesië en Nyasaland. De zwarte bevolking van het noorden zag daarin vooral een manier om de blanke macht uit het zuiden over hen uit te breiden, en het verzet groeide. Een jonge onderwijzer, Kenneth Kaunda, werd het gezicht van die beweging met zijn partij UNIP. Na jaren van stakingen, campagnes en politieke druk viel de federatie eind 1963 uit elkaar.
Op 24 oktober 1964 werd Noord-Rhodesië onafhankelijk onder de nieuwe naam Zambia, ontleend aan de rivier de Zambezi, met Kaunda als eerste president. Hij regeerde zevenentwintig jaar, vanaf 1972 als leider van een eenpartijstaat, tot hij in 1991 na een periode van economische neergang vreedzaam de macht overdroeg na verkiezingen. Dat vreedzame karakter is Zambia sindsdien blijven kenmerken: waar buurlanden oorlogen en staatsgrepen kenden, wisselde in Zambia de macht bij de stembus. Het koper bleef intussen de motor en de zwakke plek van de economie tegelijk.
De naam Rhodesië is van de kaart verdwenen, maar de mijnsteden die het koper voortbracht bestaan nog, en Zambia leeft nog altijd op en neer met de wereldprijs van het metaal.
Plan je reis
- Overnachten in Zambia: vergelijk accommodaties ›
- Trein- en bustickets in Zambia: bekijk routes op 12Go ›
- Activiteiten en excursies in Zambia: bekijk op GetYourGuide ›
Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.
Meer uit Zambia
Zelf deze route gereden, of plannen in die richting? Ik lees en beantwoord alles.
Laat een reactie achter ›Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.


