De Gambia-rivier (Engels: River Gambia) is een belangrijke West-Afrikaanse rivier die van oost naar west door het continent stroomt en uitmondt in de Atlantische Oceaan bij de stad Banjul. De rivier is van groot economisch, ecologisch en historisch belang voor Gambia en haar buurlanden.
Belangrijke feiten
- Lengte: circa 1.120 kilometer
- Bron: Fouta Djallon-plateau, Guinee
- Monding: Atlantische Oceaan bij Banjul
- Stroomgebied: delen van Guinee, Senegal en Gambia
- Belangrijke zijrivieren: Sandougou, Sofaniama, Balingho
Geografie en verloop
De Gambia-rivier ontspringt in het hoogland van Fouta Djallon in Guinee, snijdt vervolgens door oostelijk Senegal en stroomt over de volledige lengte van Gambia. De rivier vormt het geografische hart van het land; bijna de hele nationale infrastructuur en bevolking liggen langs haar oevers. De benedenloop is breed en bevaarbaar, terwijl de bovenloop smal en rotsachtig is.
Ecologie en natuur



4
Het rivierbekken herbergt diverse ecosystemen, waaronder mangroven, moerassen en tropisch bos. In het River Gambia National Park leven chimpansees, nijlpaarden en talrijke vogelsoorten. De mangrovebossen bij de monding vormen een belangrijke kraamkamer voor vis en andere aquatische soorten.
Geschiedenis en cultuur
De rivier speelde een sleutelrol in de handel van het prekoloniale en koloniale tijdperk, inclusief de Atlantische slavenhandel. Tal van historische nederzettingen, zoals Kunta Kinteh Island, getuigen van deze periode en zijn erkend als UNESCO Werelderfgoed. Vandaag blijft de rivier een culturele levensader voor Gambiaanse gemeenschappen.
Economisch en hedendaags belang
De Gambia-rivier is cruciaal voor visserij, landbouwirrigatie en vervoer. Ze is gedeeltelijk bevaarbaar voor schepen tot ongeveer 240 kilometer landinwaarts, wat handel en toerisme bevordert. Tegelijk vormt de rivier een bron van zoetwater en een focuspunt voor milieubescherming tegen verzilting en vervuiling.