Lang voor Laos een land met grenzen was, was er Lan Xang, het koninkrijk dat de Lao vandaag als hun gouden tijd beschouwen. De naam betekent letterlijk “miljoen olifanten”, een verwijzing naar de oorlogsolifanten die de macht van het rijk moesten uitdrukken, en het bestreek in zijn hoogtijdagen een gebied dat veel groter was dan het huidige Laos.
Een rijk aan de Mekong
Lan Xang ontstond in het midden van de veertiende eeuw, toen de vorst Fa Ngum met steun van het Khmer-hof van Angkor de Lao-vorstendommen langs de Mekong onder één kroon bracht. De hoofdstad kwam eerst in Luang Prabang te liggen, later verplaatst naar Vientiane, dat strategisch gunstiger lag. Met Angkor deelde Lan Xang meer dan een bondgenootschap: het nam het Theravada-boeddhisme over dat tot vandaag de cultuur bepaalt, en de tempelbouw en beeldhouwkunst uit deze eeuwen leggen de basis voor wat de reiziger nu nog in de oude steden ziet.
Het rijk dankte zijn welvaart aan de rivier. De Mekong en zijn zijstromen waren de handelsaders waarlangs bosproducten, zout en later ook edelmetaal bewogen, en de macht van de vorst hing samen met de controle over die stroken vruchtbaar laagland. Buiten de riviervlaktes reikte het gezag van de koning veel minder ver, een patroon dat in de latere geschiedenis van Laos steeds terugkeert.
Verval en versplintering
Lan Xang hield ruim drie eeuwen stand, met een laatste bloeiperiode in de zeventiende eeuw, toen Vientiane een centrum van boeddhistische geleerdheid werd dat bezoekers uit de hele regio trok. Daarna sloeg de verdeeldheid toe. Rond 1700 viel het rijk uiteen in drie koninkrijken, Luang Prabang in het noorden, Vientiane in het midden en Champasak in het zuiden, die elkaar beconcurreerden en daardoor kwetsbaar werden voor sterkere buren.
Het naburige Siam, het huidige Thailand, maakte van die zwakte gebruik en bracht de Lao-vorstendommen een voor een onder zijn invloed. Een opstand vanuit Vientiane in de vroege negentiende eeuw eindigde in een ramp: de Siamezen verwoestten de stad en voerden een groot deel van de bevolking af naar de overkant van de Mekong. Toen de Fransen enkele decennia later verschenen, troffen ze geen machtig rijk meer aan maar een versnipperd gebied, en juist die versplintering maakte de koloniale overname mogelijk.
De herinnering aan Lan Xang is intussen nooit verdwenen. De drie oude hoofdsteden Luang Prabang, Vientiane en Champasak vormen nog altijd de historische kern van het land, en wie hun tempels bezoekt, kijkt naar de resten van het rijk van de miljoen olifanten.
In Champasak staan de resten van een van de drie opvolgerkoninkrijken; het stadje is nu een straat met kippen langs de rivier.
Plan je reis
- Overnachten in Laos: vergelijk accommodaties ›
- Trein- en bustickets in Laos: bekijk routes op 12Go ›
- Activiteiten en excursies in Laos: bekijk op GetYourGuide ›
Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.
Zelf deze route gereden, of plannen in die richting? Ik lees en beantwoord alles.
Laat een reactie achter ›Mooi verhaal? ☕ Trakteer me op een koffie.