La Palma | Pico Bejenado

In El Paso gaat de supermarkt om 9.00 uur open. Daarom staan we om 7.30 uur op, zodat we eerst nog rustig kunnen ontbijten op het dakterras. Daarna doen we de boodschappen voor onze wandeling naar de top van de Pico Bejenado. Wat hebben we nodig voor een lange wandeling? Water (uit de kraan), koekjes, brood en een cake van een halve kilo. De lucht is stralend blauw als we van El Paso naar El Barial rijden. Een waterval van witte wolken valt vanuit het oosten over de Cumbre Nueva. Aan de westelijke zijde lossen de wolken op tot niets. We parkeren onze witte Citroen langs de verharde weg in El Barial. De droge bossen met Canarische dennen strekken zich in alle richtingen uit. Wij gaan omhoog. Eerst volgen we de onverharde weg. Later de paden die ons steeds hoger voeren. De uitzichten over het dal van de Aridane, El Paso en Los Llanos worden beter naarmate we hoger komen. De blauwe zee glinstert in de diepte. Langzaam maar zeker wandelen komen we boven de Cumbre Nueva, met het effect dat we boven de wolken lopen. We zien dat een dicht wolkendek de oostelijke zijde van het eiland bedekt. We bereiken de rand van de caldera, waar de uitgestrektheid en de diepte van de krater zich begint te manifesteren. Achter ons zien we de grote vulkaan El Teide van Tenerife al ruim boven de wolken uitsteken. Maar wij zijn er nog niet. We moeten hoger. Het is nog een pittige klim naar de 1.844 meter hoge Pico Bejenado. Vanaf hier kijken we recht in de diepte van de Caldera de Taburiente. 9 kilometer verderop zien we de sterrenwacht als kleine witte bollen op de 2.500 meter hoge rand van de Caldera staan. Van een menselijke schaal is hier in het geheel geen sprake.

Achter ons klimt een Engelse toergroep naar boven. Zij zitten in een hotel in Santa Cruz, aan de oostelijke kant van het eiland. Zij vertellen ons over de vele regen die ze vandaag en gisteren hebben gehad. Goed voor ons om te horen dat we de juiste keuze hebben gemaakt door een huis op de westelijke zijde van het eiland te huren. Verder zijn er eigenlijk helemaal niet zo veel andere wandelaars. We zijn vroeg vertrokken om de eventuele meute voor te zijn. We lopen weer naar beneden, door het heerlijk naar droogte geurende dennenbos, over steile paadjes met een bed van bruine naalden en roodbruine stenen. Bij El Rodeo, op 1.571 meter hoogte, nemen we een andere route terug naar beneden. Het is altijd leuker om een rondje te lopen, dan dezelfde weg terug te gaan als dat je bent gekomen. Na het uitzichtpunt door de zogenaamde Cumbrecita en in de gigantische krater, is het alleen nog maar naar beneden. De kleuren zijn fascinerend: de lucht is diepblauw, de naalden aan de bomen zijn bijzonder groen en de grond is roodbruin, net als de kliffen van de bergen waar we langs lopen. Inmiddels is er door het Aridane dal een wolkendek komen aandrijven vanaf de oceaan. Wij zitten daar nog ruim boven, maar Los Llanos lijkt in de wolken te zitten.

Na ongeveer 15 kilometer en 7 uur flink doorlopen, zijn we weer terug bij de auto. Voldaan van een erg mooie wandeling, maar wel met enorme stalpoten. We rijden verder naar beneden. We komen onder de wolken en dan zijn de bergen niet eens meer zichtbaar. Wat een verschil over zo’n korte afstand. Als we weer in Los Llanos zijn blijkt het met het slechte weer best mee te vallen. De ‘laaghangende’ wolken hangen hier weer zo hoog, dat zelfs de zon er met gemak doorheen schijnt.

Leave a Reply

  Subscribe  
Notify of