Een paar kilometer voorbij Monkey Island ligt Orepuki, tijdens de goudwinning een nederzetting van drieduizend inwoners en nu een handvol. Een paar panden uit 1889 staan er nog, verder is het een spookdorp met een keurig gemeenschapsgebouw waar we water kunnen tappen. De weg volgt daarna de brede, verlaten Te Waewae Bay, waar de vegetatie verraadt uit welke hoek de wind hier gewoonlijk komt: alles buigt naar het oosten. Vandaag staat hij voor het eerst in de rug.
Voorbij Blackmount verspert een kudde schapen de weg. We raken aan de praat met een parttime schapenboer die in het dagelijks leven opticien in Invercargill is en meehelpt de lammeren van de moederdieren te scheiden. Morgen worden hier zestienduizend schapen verdeeld, waarvan zesduizend lammeren. De prijs van een lam is dit jaar lager dan vorig jaar, en die van wol ook.
Een schaap dat niet geschoren is, ziet er twee keer zo groot uit als het in werkelijkheid is.
Bij Jericho Hill valt de beruchte klim mee, en daarachter verandert alles. Na weken door ontboste, overbegraasde vlakten rijden we voor het eerst langs echt Fiordland, met oorspronkelijk bos tot aan de weg. Dat het gebrek aan bos ons in dit land het meest is tegengevallen, dringt hier pas goed door. Wildernis hadden we op de Rainbow Track ook, maar dat bleef de uitzondering; bos tot aan de weg hebben we in twee maanden nauwelijks gezien.
Doubtful Sound, via een weg voor een aluminiumsmelter
Doubtful Sound is niet zomaar te bereiken. Eerst een boot over Lake Manapouri naar het West Arm Power Station, dan een bus over de bergen naar het fjord. Die bergweg is niet voor toeristen aangelegd maar voor de bouw van de waterkrachtcentrale die de aluminiumsmelter bij Bluff van stroom moet voorzien; wij rijden dus over de onderhoudsweg van de zware industrie.
Om half zes gaat de wekker. De boot vaart over doodstil water met flarden mist, de bergtoppen kleuren oranje voor de zon boven de horizon uit komt, en de zandvliegen stappen net zo enthousiast in als wij. Aan de overkant klimt de bus door vochtig regenwoud, bedekt met een dikke laag fluorescerend groen mos. Hier valt volgens de chauffeur zes tot negen meter regen per jaar, met een record van twaalf meter en ooit tachtig centimeter in één etmaal. Vanaf de top kijken we op Doubtful Sound neer, wolkenloos en helder, wat volgens de gids zeldzaam is.
Beneden stappen we op een kleine boot, de enige van de vier die vandaag varen. Steile groene wanden rijzen recht uit het donkere water op. Dat water is donker doordat een laag zoet water van dertig centimeter het zonlicht tegenhoudt, waardoor er ook vlak onder de oppervlakte al diepzeevissen leven. Anderhalf uur varen we naar de Tasmanzee, langs eilandjes vol zeehonden. Milford Sound is naar verluidt honderd keer drukker, en dat is precies waarom we hier zijn en niet daar.
De dag erna gaat het over een pas vernieuwde grindweg naar de Mavora Lakes, waar de regen het grind de consistentie van kauwgom heeft gegeven. Onderweg valt een patroon op zijn plaats dat we in dit land overal tegenkomen. Langs de wegen staan vallen voor pests, boeren willen geen wallaby’s op hun grond, en duikt er tussen de gehouden herten een wild exemplaar op, dan wordt het afgeschoten omdat het het land zou kaalvreten. Een dier dat niet achter een hek staat en niets opbrengt, is hier een probleem.
Een wild hert dat zich laat zien wordt afgeschoten als pest, terwijl de miljoenen schapen en koeien om hem heen hetzelfde land kaalvreten.
Bij de Mavora Lakes staat de tent aan kraakhelder blauw water tussen groene bergwanden, en het protocol is inmiddels vast: plek zoeken, deet, tent op, vuur maken, koken. Het hout is te nat voor meer dan rook, water halen we een paar kilometer verderop, en de zandvliegen komen met honderden tegelijk. Boven het meer gaat ondertussen de zon onder alsof er niets aan de hand is.
Veertig kilometer niemand, dan de massa
Vanaf de Mavora Lakes volgen we de Mavora Road, ontoegankelijk voor gewone auto’s, veertig kilometer lang. We komen niemand tegen behalve loslopende koeien en schapen. Het dal wordt smaller, de bergen hoger, en het doet denken aan de Rainbow Track, alleen met beter weer. Waar alle fietsers blijven, is ons een raadsel.
Bij Walter Peak Country Farm is het in één klap voorbij. Hier vertrekt de pont naar Queenstown, en na twee dagen leegte is de mensenmassa een schok. Meer dan honderd toeristen zitten op een tribune naar schapenscheren te kijken, de souvenirwinkel draait op volle toeren. Wij zijn de enigen die met een los kaartje aan boord gaan; de rest hoort bij een touroperator. Wat de boot niet verdient, verdient het uitzicht wel: drie kwartier over Lake Wakatipu met besneeuwde toppen rondom. Queenstown zelf is het soort plek waar je meteen weer weg wilt, en over een fietspad ontsnappen we naar Frankton.
De Crown Range Pass is met 1.067 meter de hoogste asfaltweg van het land en vanaf deze kant de zwaarste: ruim negenhonderdzestig meter klimmen, met haarspeldbochten die meteen de helft van de hoogtewinst opeisen en een slotstuk van twaalf tot veertien procent. Een buurman op de camping heeft hem nog gefietst toen er geen asfalt lag en er nauwelijks auto’s overheen kwamen. Boven feliciteren twee Australiërs ons, die van de andere kant zijn gekomen: vanaf Wanaka is het weinig meer dan een lange oprit.
Aan de afdaling is te merken waar in deze streek het geld zit. Wanaka slaan we over, want langs de weg waarschuwen borden voor forse boetes op freecampen en de campings in het dorp zijn navenant geprijsd. Wie hier goedkoop wil slapen, wijkt uit naar de gemeentelijke terreinen even buiten de dorpen, zoals dat bij Albert Town aan de Clutha. In het water van die rivier zit didymo, een invasieve alg die dit deel van het land teistert, dus tandenpoetsen doen we met kraanwater. Verder naar het noorden, aan Lake Hawea, staat op de DOC-camping van Kidds Bush Reserve half kiwi-Nieuw-Zeeland met alle vakantiespullen die in een pick-up passen.
De pas die twee landen scheidt
De Haast Pass is met 564 meter de laagste van de drie passen naar de westkust en werd pas rond 1960 doorgelegd; daarvoor stond hier een ondoordringbare bergwand tussen het binnenland en de kust. Bij Makarora, niet veel meer dan een café, een motel en een tankstation, vertelt een kiwi dat we boffen: tweehonderdvierenzestig dagen per jaar waait de wind hier hard uit het noordwesten, en dit is een van de weinige dagen dat hij ons in de rug zit.
Vlak daarna rijden we Mount Aspiring National Park binnen, dat samen met Fiordland en Aoraki/Mount Cook één aaneengesloten werelderfgoedgebied vormt over ongeveer een tiende van het Zuidereiland. Het verschil is meteen zichtbaar. Waar we wekenlang nauwelijks bos zagen, is er hier niets anders: ondoordringbaar groen, boomvarens die steeds groter worden, vochtige lucht die bijna tropisch ruikt, en duizenden cicaden. De klim naar de top valt na de Crown Range mee. De afdaling niet.
Het is de eerste keer in Nieuw-Zeeland dat we ons klein voelen.
We duiken tussen steile hellingen vol jungle naar beneden terwijl watervallen uit elke kier spuiten. Bij de Gates of Haast is het beekje van boven al een kolkende massa wit water met rotsblokken die geen gewone beek daar ooit had kunnen neerleggen. Bij Pleasant Flat maken we voor het eerst kennis met de westkust-zandvliegen, meteen in volle sterkte: het regenpak gaat aan, nu niet tegen de regen maar tegen de beten. Onze remmen ruiken door de natte afdaling heen naar verbrand rubber.
De laatste vijfenveertig kilometer naar Haast dalen bijna onafgebroken. Groen wordt groener, het wordt warmer en vochtiger, en we zijn in een ander land beland. Vlak voor het dorp wordt het landschap plotseling vlak en agrarisch; een boer heeft er kort geleden oerbos in zijn houtkachel gestookt, tot woede van de buurt. Haast Township mag officieel geen dorp heten. Er is een motel, een goede general store en een camping waar de zandvliegen gezelschap krijgen van gretige muggen. Het probleem is bekend genoeg om er een loods voor om te bouwen tot gemeenschappelijke keuken, waar we droog, warm en ongebeten eten.
Deze etappe volgt op de Catlins en Southland; de hele reis staat dag voor dag in het reisoverzicht van Nieuw-Zeeland.
Praktische informatie
Around the Mountains: de grindweg van de Mavora Lakes naar Walter Peak is inmiddels onderdeel van de Around the Mountains Cycle Trail, honderdzesentachtig kilometer tussen Kingston en Walter Peak via Mossburn, Lumsden, Athol en Garston. Reken op drie tot vijf dagen. Het stuk dat wij reden is nog altijd het stilste: veertig kilometer zonder autoverkeer en met loslopend vee op de weg.
De pont bij Walter Peak: wie de route bij Walter Peak eindigt of begint, moet de boot over Lake Wakatipu nemen; over land kom je er niet. Fietsen gaan mee. Boek vooruit in het hoogseizoen, want je deelt de overtocht met touroperators.
De Crown Range: met 1.067 meter de hoogste asfaltweg van Nieuw-Zeeland, en vanaf de kant van Queenstown de zwaarste: ruim negenhonderd meter klimmen met haarspeldbochten tot veertien procent. Vanaf Wanaka is het aanzienlijk milder. Het alternatief via Cromwell is langer en drukker.
De Haast Pass: met 564 meter de laagste van de drie passen naar de westkust, en vanaf het binnenland de makkelijkste kant. De wind komt hier het grootste deel van het jaar hard uit het noordwesten, dus wie van west naar oost rijdt heeft hem meestal tegen. Tussen Makarora en Haast liggen ruim tachtig kilometer zonder winkel; sla in bij Makarora of neem het mee uit Wanaka.
Doubtful Sound: alleen bereikbaar via een boot over Lake Manapouri en een bus over de bergen, dus altijd als georganiseerde tocht. Het is duurder en een stuk stiller dan Milford Sound; wie rust boven bereikbaarheid stelt, kiest hier. De vroegste vertrekken zijn het rustigst.
Zandvliegen en freedom camping: aan de westkust zijn sandflies geen ongemak maar een factor waar je je dag omheen plant: bedek alles, koop insectenwerend middel vóór je de pas over gaat, en zoek campings met een overdekte keuken. Rond Wanaka en Queenstown wordt streng gehandhaafd op wildkamperen, met borden en boetes langs de hele weg; de gemeentelijke terreinen even buiten de dorpen zijn het betaalbare alternatief.
Plan je reis
- Overnachten in Nieuw-Zeeland: vergelijk accommodaties ›
- Activiteiten en excursies in en rond Wanaka: bekijk op GetYourGuide ›
Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.
Foto’s uit Nieuw-Zeeland
Meer foto’s uit Nieuw-Zeeland ›




Waar dit verhaal ligt
Bekijk de volledige kaart van Nieuw-Zeeland ›
Meer uit deze reis
Alle verhalen uit Nieuw-Zeeland ›Plan je eigen reis door Nieuw-Zeeland
De reisgids bundelt alle praktische artikelen: vervoer, overnachten, geld en de beste routes.
Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.
