
De dag van vertrek. We laden de auto in en vullen voor de zekerheid een jerrycan met vijftien liter water. Het plan voor vandaag is simpel: verder komen dan het vakantiehuis van Sarah en Mike, voorbij het stuk kust dat we al kennen. Onder een grijze hemel rijden we Melbourne uit, over de Freeway richting Geelong. Tot over elf maanden.
Vlak na het begin van de Great Ocean Road stoppen we bij Split Point Lighthouse, de vuurtoren waar je vanuit de vakantiewoning op uitkeek. De kalksteenkliffen lopen hier zeventig tot tachtig meter omhoog, met daarboven een duinlandschap en beneden een strand van fijn bruin zand. Een leistenen pilaar van een meter of vijftig hoog staat los in de branding.
De weg zelf is na de Eerste Wereldoorlog aangelegd door teruggekeerde Australische veteranen, deels als werkverschaffing, deels om de ruige zuidkust tussen Torquay en Warrnambool te ontsluiten voor toerisme. We rijden bijna onafgebroken met zicht op zee, door bossen van eucalyptus, de gumtrees. In de takken boven de weg hangen de eerste koala’s, versuft van de bladeren, het grootste deel van de dag slapend.
Camping aan zee
We zijn kieskeurig op zoek naar een plek: relaxed en niet duur. Bij Skenes Creek vinden we er een, na 194 kilometer. Voor $30 krijgen we een ruime plek zowat op het strand. De lucht is intussen opengetrokken en het is warm. Van de parasol en een stuk plastic maken we een zonnescherm. ’s Avonds eten we pasta met tonijn, paddenstoelen, ui en knoflook, en ontkurken we de fles champagne die we van Sarah en Mike meekregen.
De voorzieningen vallen tegen. Er is een keuken en een warme douche, maar alles ziet er belabberd uit. De ligging maakt veel goed: we lopen zo het strand op, een baai waar je kunt zwemmen, met hoge golven en een stroming waar je voor moet oppassen. Een korte duik in het koude water is welkom, want het is knetterheet zonder een wolk aan de lucht.
Het gebied ten noorden van de camping heeft een vulkanische oorsprong. Oude lavastromen zijn in de loop van duizenden jaren verworden tot basaltstructuren, vol kleine honingraatpatronen met diepe lijnen erdoorheen, door het zeewater verder uitgesleten. Op z’n mooist is het bij laagwater, als er tussen het basalt poeltjes overblijven met vaste bewoners: vissen en waterplanten. De zee beukt ondertussen tegen de kust, en de kelp krijgt er klap na klap van langs.
Het zeewier is hier van het type hufterproof: zo sterk als een autoband.

Deze verhalen schrijf ik zelf, onderweg, zonder advertenties en zonder sponsor. Vond je het de moeite waard? Dan mag je me trakteren op een koffie of een biertje.
Jeroen
Waar deze dag ligt
Roadtrip door Australië, nu in Australië. Bekijk de hele route ›
Verder in de serie
Naar het reisoverzicht ›
Volgende aflevering ›9. Cape Otway: stijgende prijzen en het leven in de getijdenpoelSpring naar een andere aflevering
- 5. Data-entry bij Stellar: het saaiste werk ooit
- 6. Van logeerkamer naar camping, en Karel arriveert
- 7. Melbourne: werken, wonen en een echte Australische bak
- 8. De Great Ocean Road op, elf maanden voor de boeg
- 9. Cape Otway: stijgende prijzen en het leven in de getijdenpoel
- 10. Een dag in Great Otway: regenwoud, redwoods en geen vogelbekdier
- 11. Port Campbell en de Twaalf Apostelen, met een onhaalbaar kampvuur
- Alle 157 afleveringen ›
Spring naar een andere reis
- Over land naar Singapore 2005–2006
- Roadtrip door Australië 2006
- Terug door Zuidoost-Azië 2006–2007
- Fietsreis van Praag naar de Kaukasus 2010
- Fietsreis door Nieuw-Zeeland 2015–2016
- Over land naar het oosten 2018
- Fietsreis door Zuid-Marokko 2024
- Fietsreis door Senegambia 2025–2026
- Fietsreis door zuidelijk Afrika 2026
- Te voet door Bulgarije 2026
- Te voet door Turkije 2026
- Alle reizen op een rij ›
Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Zonder advertenties
Ik schrijf en fotografeer alles zelf. Vind je het de moeite waard, trakteer me dan op een koffie of een biertje.
Jeroen