We vinden een plek aan het water bij een lief Cambodjaans gezin en kijken uit over het lichtblauwe water en de kleine eilanden verderop. Een zandstrand met palmbomen is er niet, maar dat maakt voor het onderwaterwerk niet uit: juist tussen de rotsen zit de vis. Met de snorkel zie ik veel koraal in geel, blauw, rood en groen, pluimen die zich terugtrekken zodra je er water tegenaan beweegt, en reuzenschelpen die als fluweel gekleurd zijn, fluorescerend blauw, groen, roze. Als ik bovenkom, blijkt een deel van het lokale gezin geïnteresseerd in de bril en de snorkel, iets wat ze duidelijk nog nooit hebben gedaan.
We spreken elkaars taal niet, maar na een cursusje snorkelen zijn de kinderen niet meer uit het water te slaan.
De ijsfabriek als kloppend hart
Ik geef de kinderen een kort cursusje, en na wat gestuntel krijgen ze het door, waarna ze niet meer uit het water zijn te krijgen; enthousiasme is universeel. Zo besteden we een luie dag aan het water, afwisselend lezend, schrijvend en afkoelend. Het dorp telt zo’n duizend inwoners en bestaat uit één straat, half boven de zee gebouwd, en leeft van de visserij, al heeft bijna elk huis ook een winkeltje, waarvan je je afvraagt hoe ze allemaal bestaan. Tegen de avond zien we wat het eiland echt drijft: de ijsfabriek, waar grote blokken tot klontjes worden verwerkt en per scooter het dorp in gaan. We eten wat de pot schaft, ’s middags papajasalade, ’s avonds noedelsoep.
Waar deze dag ligt
Terug door Zuidoost-Azië, nu in Cambodja. Bekijk de hele route ›
Verder in de serie
Naar het reisoverzicht ›Spring naar een andere aflevering
Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.