Home AfrikaMarokkoDe Draa-vallei: geografie en ecologie van Marokko’s langste rivier

De Draa-vallei: geografie en ecologie van Marokko’s langste rivier

by Jeroen Kleiberg
Published: Updated:

De Oued Draa is de langste rivier van Marokko, met een totale lengte van ruim 1.100 kilometer. Ze snijdt door een van de meest uiteenlopende landschappen van het land: van de besneeuwde toppen van de Hoge Atlas, via de brede kleiplatforms van het pre-Sahara-gebied, naar de droge vlakten van het verre zuiden. Op de kaart eindigt de Draa bij Tan-Tan aan de Atlantische kust. In werkelijkheid bereikt het water die oceaan zelden. De rivier verdwijnt doorgaans lang voor de monding in het zand.

De loop van de rivier

De Draa ontspringt in de Hoge Atlas en stroomt naar het zuidoosten, passeert Zagora, en kronkelt verder door het brede dal dat haar naam draagt. Het water dat de Draa benedenstrooms bereikt, is afhankelijk van de neerslag in de Atlas en van de hoeveelheid water die wordt vrijgelaten uit het stuwmeer van Ouarzazate — de Barrage Al Mansour Eddahbi (1972). Die dam reguleert de waterstroom in de vallei en is bepalend voor hoeveel water de dadelpalmbossen en akkers benedenstrooms ontvangen.

De vallei als ecologisch systeem

De Draa-vallei is in wezen een smalle groene strook die zich door een dor hoogplateau boort. De dadelpalm is de spil van dit ecosysteem. Hij levert voedsel maar ook schaduw voor de gewassen eronder. Onder de hoge palmen groeien granaatappels, vijgen, amandelen en granen, in een systeem van gelaagde landbouw dat efficiënt omgaat met water en licht. De palmbladeren dienen als dakbedekking en vlechtmateriaal. Zelfs de pitten van de dadel worden vermalen tot veevoer. De dadelpalm is hier geen siergewas maar een productiemiddel waarop een volledige bestaanseconomie rust.

Irrigatiesystemen: khettara’s en kanalen

Irrigatiekanalen en kleine akkers in het palmbos van de Draa-vallei

Water in de Draa-vallei is geen vanzelfsprekendheid. De meest opmerkelijke techniek is de khettara: een ondergronds kanaal dat wordt gegraven van een watervoerende laag in de berghelling naar de dalen en dorpen eronder. Door de licht hellende bodem stroomt het water op eigen kracht, zonder pompen. Boven de grond markeren rijen aarden heuveltjes de loop van de khettara. Naast deze ondergrondse systemen bestaan er ook opengelegde irrigatiekanalen — de seguia’s — die direct het rivierwater verdelen over de percelen. Elk stuk land heeft recht op een bepaalde hoeveelheid water gedurende een vaste tijd.

Klimaatverandering en de droogtedruk

De Draa-vallei staat onder toenemende druk. De neerslag in de Hoge Atlas neemt af, de sneeuwval is onregelmatiger geworden, en periodes van droogte worden langer. Dat betekent minder water voor de khettara’s, minder water voor de seguia’s, en uiteindelijk minder opbrengst voor de boeren. Aan de randen van de palmossen sterven palmen af door zoutstress en watertekort. Jonge mensen verlaten de vallei voor de steden. De combinatie van klimaatverandering, ontvolking en het wegvallen van gemeenschappelijk onderhoud van irrigatiesystemen is een neerwaartse spiraal.

Geschiedenis en bevolking

Lemen ksour langs de Draa-rivier omringd door dadelpalmen

De Draa-vallei was eeuwenlang een van de belangrijkste karavaanroutes van Marokko. Goud, slaven, ivoor en zout kwamen vanuit sub-Sahara Afrika via Timbuktu naar het noorden. De bevolking van de vallei is etnisch divers. De Amazigh zijn de oudste bevolkingsgroep. De Haratin vormen een derde groep: nakomelingen van tot slaaf gemaakte mensen uit sub-Sahara Afrika, die eeuwenlang als landarbeiders werkten en nog altijd een herkenbare gemeenschap vormen in de vallei.


De Draa-vallei is een rivier die zijn bestemming bijna nooit bereikt. Dat het water verdwijnt in het zand voor het de oceaan ziet, is niet alleen een geografisch gegeven — het is ook een goede beschrijving van de vallei zelf: rijk, complex en langzaam uitgeput door krachten die ver buiten haar grenzen beginnen.

Laat een bericht achter


Meer inspiratie