
Zoals afgesproken rijden we naar de garage in Leigh Creek, waar de monteur niet blijkt te zijn. De 200 kilometer naar Hawker durven we niet aan, dus rijden we terug naar Copley. Daar worden we “welkom” geheten door een geïrriteerde garagehouder die fijntjes meldt: “we got something they call a telephone.” Hij doet als een op zijn tenen getrapte puber en weigert de auto nog aan te raken. Wij zijn zeker Nederlanders, die altijd kritisch zijn en vragen stellen? Klopt. Gelukkig is er een andere monteur die de auto wel wil maken, en die netjes uitlegt wat er aan de hand is.
De auto loopt op vijf in plaats van zes cilinders, door een defecte bougiekabel, waarvan de koolstofkern is gebroken door het rijden over de wasbordwegen. De kabel kan alleen samen met de bougie worden vervangen, en dat hoort bij het normale onderhoud van een Holden. Op ons verzoek controleert hij ook de remmen, die nog 20.000 kilometer meekunnen. Voor de hele check en reparatie betalen we $177, fors minder dan de $300 van gisteren.
De kolenmijn en het station
Met een goedgekeurde auto verlaten we Copley nog voor twaalven. Het dorp afficheert zich als “een vriendelijk dorp in het verre noorden van Zuid-Australië”; na deze ontvangst houden wij het op iets anders. Het enige bestaansrecht is de nabije open kolenmijn, die we even bezoeken: een gat van tweehonderd meter diep, waaruit dagelijks 162 wagonladingen kolen naar de energiecentrale van Port Augusta gaan.
Daarna rijden we 162 kilometer door kaal landschap naar Merna Mora Station, een veestation. Het rundvee graast hier, wordt in New South Wales vetgemest en in Queensland geslacht voor de export naar Japan. De schapen leveren wol, maar omdat dat weinig meer opbrengt, zoekt de familie neveninkomsten: de ruime verblijven voor de schaapscheerders worden buiten het scheerseizoen aan toeristen verhuurd, en voor $15 mag je er kamperen. De homestead ligt in een beschutte, droge kreekgeul met bomen. Vanaf een heuvel zien we in het westen de Flinders Ranges en in het oosten de witte zoutvlakte van Lake Torrens schitteren.
Vanaf een winderige, precies oost-west gerichte landingsbaan kijken we naar de zonsondergang. Die baan is bedoeld voor noodgevallen, zodat de Flying Doctor hier kan landen. De wand van Wilpena Pound kleurt rood in het laatste licht. Alleen de vliegen blijven een plaag: zonder net is het hier overdag niet te harden.
Het rundvee graast hier, wordt in New South Wales vetgemest en in Queensland geslacht voor de export naar Japan.

Deze verhalen schrijf ik zelf, onderweg, zonder advertenties en zonder sponsor. Vond je het de moeite waard? Dan mag je me trakteren op een koffie of een biertje.
Jeroen
Waar deze dag ligt
Roadtrip door Australië, nu in Australië. Bekijk de hele route ›
Verder in de serie
Naar het reisoverzicht ›
‹ Vorige aflevering29. Naar Copley: vliegen, een leeglopend mijndorp en motorpech
Volgende aflevering ›31. Naar Port Augusta: road-trains en de centrale op de kolen uit Leigh CreekSpring naar een andere aflevering
- 27. Naar Wilpena Pound: de klim naar Saint Mary Peak
- 28. Door de Brachina Gorge: 650 miljoen jaar in steen
- 29. Naar Copley: vliegen, een leeglopend mijndorp en motorpech
- 30. Van Copley naar Merna Mora: een bougiekabel en een schapenstation
- 31. Naar Port Augusta: road-trains en de centrale op de kolen uit Leigh Creek
- 32. Over het Eyre-schiereiland naar Venus Bay
- 33. Point Labatt: de enige vaste zeeleeuwenkolonie van het vasteland
- Alle 157 afleveringen ›
Spring naar een andere reis
- Over land naar Singapore 2005–2006
- Roadtrip door Australië 2006
- Terug door Zuidoost-Azië 2006–2007
- Fietsreis van Praag naar de Kaukasus 2010
- Fietsreis door Nieuw-Zeeland 2015–2016
- Over land naar het oosten 2018
- Fietsreis door Zuid-Marokko 2024
- Fietsreis door Senegambia 2025–2026
- Fietsreis door zuidelijk Afrika 2026
- Te voet door Bulgarije 2026
- Te voet door Turkije 2026
- Alle reizen op een rij ›
Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Zonder advertenties
Ik schrijf en fotografeer alles zelf. Vind je het de moeite waard, trakteer me dan op een koffie of een biertje.
Jeroen