Banská Štiavnica: een UNESCO-stad in een vulkaankrater

Published: Updated: 0 comments

We zijn moe en chagrijnig als we Banská Štiavnica bereiken. De campings rond de stad blijken te zijn veranderd in chaletparken en pensionetjes. De enige camping die de kaart nog aanwijst, ligt aan een meertje met een partycentrum eromheen — we hebben onze tent in zes minuten afgebroken en zijn vertrokken. Na een dag van driehonderd kilometer rijden en een reeks tegenvallers vinden we een pension in het oude centrum: twintig euro voor een kamer met gedeelde douche. We zijn blij dat we er zijn.

De eigenaar is de volgende ochtend vroeg naar de bakker gereden zodat hij ons om acht uur broodjes met roereieren kan aanbieden. Zulke mensen.

De derde stad van Hongarije

In 1782 was Banská Štiavnica de derde stad van het toenmalige Hongarije, na Pressburg (het latere Bratislava) en Debrecen, met 23.192 inwoners. De bron van die welvaart: goud en zilver. Onder de stad en de omringende heuvels loopt een wirwar van tunnels en schachten die de grond ter plaatse in een gatenkaas veranderen. Na het Verdrag van Trianon in 1919 werd de stad afgesplitst van Hongarije en opgenomen in het nieuwe Tsjechoslowakije. In 1993 plaatste UNESCO het historische centrum op de Werelderfgoedlijst.

De oude stad bestaat in feite uit één straat die steil de berg oploopt. Bij ons bezoek is de renovatie pas net begonnen — er zijn nog genoeg verweerde gevels, opengebroken kasseien en bouwsteigers om de stad zijn rauwe karakter te geven. Dat maakt hem interessanter, niet minder. De toekomst van de stad ligt in toerisme; de potentie is duidelijk aanwezig.

De Kalvárie

Het meest bijzondere van Banská Štiavnica staat niet ín de stad maar ertegen aan. Op de heuvel aan de westkant van het centrum klimt de Kalvárie Banská Štiavnica: een complex van drie kerken en tweeêntwintig kapellen dat de lijdensweg van Jezus uitbeeldt in vijfentwintig stappen. De kapellen zijn gedecoreerd met schilderingen en reliëfs. De renovatie is in 2008 begonnen en zal zeker tot 2020 duren.

Het complex is gebouwd tegen een lavakolom in het midden van een oude vulkaan. Op de heuvel begrijpen we pas goed waarom Banská Štiavnica hier staat: de stad is gebouwd in het midden van een immense caldera, ontstaan door de instorting van een vulkaan. Die geologische geschiedenis verklaart de aanwezigheid van het goud en zilver. De stad staat letterlijk op de bodem van een oude krater, omringd door de versleten randen van een vulkaan die miljoenen jaren geleden uitgedoofd is.

De auto staat op straat. Voor betaald parkeren moet je kaarten kopen. Kaarten zijn te koop in de winkel van het pension. De eigenaar heeft meerdere inkomstenbronnen.

Van Banská Štiavnica naar Cerovo

Over steeds kleinere wegen rijden we zuidwaarts door een dunbevolkt gebied dat meer mediterraan aanvoelt dan Oost-Europees. De heuvels zijn bebosd met loofbomen, de lucht staat strak blauw. Acht kilometer buiten het dorp Cerovo ligt camping Lazy. In het Slowaaks betekent lazy ‘landelijk gelegen’. Het is die ochtend niet gemakkelijk te vinden: de laatste vijftien kilometer lopen over een weg die ook in de Oekraïne had kunnen liggen. Door donkere bossen en weidevelden vol wilde bloemen en meerdere reeën.

De camping is van Arnold en Bernadette, een Nederlands stel dat jarenlang in West-Afrika heeft gewerkt als landbouwdeskundigen. Ze zijn in 2009 naar Slowakije gekomen voor een rustiger leven en begonnen een agro-toerisme bedrijf op tien hectare grond. ’s Ochtends bakken ze hun eigen brood en maken kaas van schapenmelk en geitenmelk. De yoghurt is zo stroperig dat hij aan de lepel plakt.

De nacht ervoor is er een fors onweer over het dal getrokken. Om kwart voor vijf ’s ochtends is het al licht. Witte wolken hangen als een donsdeken boven het dal. Aan de rand van het graanveld staat een kudde van twaalf edelherten. Ze zijn schuw — ik probeer dichterbij te komen, maar de hoeven roffelen al op de grond. In de velden rond de boerderij grazen kleine groepjes damherten in het ochtendlicht.

Camping Lazy is misschien wel de mooiste plek van Slowakije. Het is jammer dat we verder moeten.

Praktische informatie

Hoe er komen: Banská Štiavnica ligt circa 35 kilometer ten zuidwesten van Banská Bystrica, via kleinere provinciale wegen. Er is geen snelwegverbinding; plan dit als een tussenstop op een langere route door Centraal-Slowakije.

Slapen: Kleinere pensions in het historische centrum zijn de beste optie. Campings in de directe omgeving zijn vervangen door chaletparken. Camping Lazy bij Cerovo (8 km ten zuiden) is de uitzondering: klein, landelijk, met eigen brood en kaas. Circa €12 per nacht; reserveer wel.

Eten: Banská Štiavnica heeft meerdere restaurants in het centrum. Niet goedkoop voor Slowaakse begrippen, maar de keuze is redelijk.

Bezienswaardigheid: De Kalvárie is gratis toegankelijk en het lopen ernaartoe is de halve moeite waard. UNESCO-centrum: reken op een ochtend voor een rustige rondwandeling.

Parkeren: Betaald in het centrum, kaarten bij lokale winkeliers. Of parkeer buiten het centrum en loop.

Banská Štiavnica is het soort stad dat je vindt als je niet op zoek bent. De gids stuurt je erlangs, je kijkt op de kaart en denkt: misschien toch maar even stoppen. En dan blijkt het een stad te zijn die op de bodem van een uitgedoofde vulkaan is gebouwd, met een UNESCO-label en een eigenaar die de parkeerbriefjes verkoopt.

Verhaal uitgelezen? Een kleine bijdrage helpt de verhalen op weg te houden.





Plan je reis

Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.

DelenWhatsAppE-mailFacebook
Advertentie

Nieuwe verhalen in je mail

Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.

Waardeer je dit blog?

Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.





Laat een bericht achter


Meer inspiratie