Keuken: knedlíky, svíčková en het beste bier ter wereld

0 comments

De Tsjechische keuken is stevig, vlezig en gebouwd op de winter. Ze leunt op varkensvlees, knoedel, kool en jus, en is minder bekend om verfijning dan om volume. Het is keukenwerk van een binnenland zonder kust: weinig vis, veel vlees, en alles met genoeg saus om het brood of de knoedel in te dopen. Wie van de Slowaakse keuken komt, herkent veel; de twee zijn na zeventig jaar gedeelde staat sterk vervlochten.

Knedlíky

Het hart van de Tsjechische keuken is de knoedel (knedlík). De klassieke variant is houskový knedlík: gekookt deeg van oudbakken brood en bloem, in plakken gesneden, dat dient om jus mee op te nemen. Daarnaast bestaan aardappelknoedels en, als zoet gerecht, ovocné knedlíky, knoedels gevuld met fruit zoals pruimen of abrikozen, bestrooid met maanzaad, kwark en gesmolten boter. De knoedel is geen bijgerecht maar de drager van het bord.

Svíčková en vepřo-knedlo-zelo

Het meest geliefde gerecht is svíčková na smetaně: gemarineerd rundvlees in een gladde saus van wortel, knolselderij en room, geserveerd met knoedels, een lepel veenbessen en een toefje slagroom. Het klinkt vreemd en smaakt uitgebalanceerd. De andere klassieker is vepřo-knedlo-zelo: varkensvlees met knoedel en zuurkool, het meest huiselijke bord dat het land kent. Goulash (guláš), overgenomen uit de Hongaarse keuken, staat overal op de kaart, vaak met knoedel in plaats van rijst.

Smažený sýr en straateten

Net als in Slowakije is smažený sýr alomtegenwoordig: een dikke plak gepaneerde en gefrituurde kaas, geserveerd met aardappelen en tartaarsaus. Het is de standaard vegetarische optie op een doorsnee kaart. Op markten en kermissen staat trdelník, een om een spies gedraaid zoet deeg dat in Praag als toeristengebak is herontdekt maar van oorsprong niet Tsjechisch is. Echt straateten van het land is eerder de párek, de worst die bij kiosken uit een broodje wordt gegeten met mosterd.

Pivo: het beste bier ter wereld

Bier (pivo) is in Tsjechië geen drank maar een instituut. Het land drinkt per hoofd van de bevolking meer bier dan welk land ook. De pils is hier uitgevonden, in Plzeň in 1842, en de lichte světlé výčepní van een goed getapt vat geldt internationaal als referentie. Een halve liter kost in een gewone hospoda (kroeg) buiten het centrum 40 tot 55 CZK (ca. €1,70 tot €2,30); in de toeristische delen van Praag het dubbele. Bier wordt vers getapt, met een dikke schuimkraag, en in een goede kroeg telt de ober de streepjes op het bierviltje. Wie pivo zegt, krijgt vrijwel altijd de lokale pils.

Kofola

De alcoholvrije tegenhanger is kofola, een frisdrank uit de jaren zestig die als binnenlands alternatief voor cola werd ontwikkeld. De smaak zit tussen cola en kruidenbitter in, minder zoet en met een eigen karakter dat mensen aanspreekt of niet. Van het vat getapt is het in Tsjechië een vaste keuze naast bier, vooral bij wie niet drinkt.

De Tsjechische keuken vraagt geen culinaire pelgrimage, maar een bord svíčková met knoedel en een vers getapte pils, voor de prijs van een kop koffie thuis, is na een dag lopen moeilijk te verslaan.

Laat een bericht achter


Meer inspiratie