Home OceaniëAustraliëDe Kimberley en werken in de Bungle Bungles

De Kimberley en werken in de Bungle Bungles

by Jeroen Kleiberg
Published: Updated:

Uit het reisverslag van de grote reis, deel Australië, juli–september 2006. Geschreven onderweg, in de woorden van mijn toenmalige ik.

Twee wandelaars in de droge bedding van Piccaninny Creek in Purnululu National Park, West-Australië, met de gestreepte Bungle Bungle-koepelrotsen op de achtergrond
Western Australia, Purnululu - Wandeling door de droge bedding van Piccaninny Creek

Na al het industriële geweld in het roodbestofte Port Hedland rijden we zevenhonderd kilometer door de Great Sandy Desert, waar we de naam niet van begrijpen, want er staan meer bomen dan op de Veluwe, richting Broome. Doordat we onderweg stopten bij verlaten stranden, komt Broome op ons over als een Scheveningen aan een blauwe zee, en omdat het ons daar niet bevalt, zijn we een dag later alweer weg richting Kununurra. Die etappe voert door The Kimberley, vol baobabs (de enige buiten Afrika), zoetwaterkrokodillen, ghost gums en termietenheuvels in alle soorten en maten.

Smurf in de Bungle Bungles

The Kimberley geldt als de laatste wildernis van Australië, waarvoor je eigenlijk een terreinwagen nodig hebt. Wij hebben er maar twee aangedreven wielen, en we willen heel graag naar de Bungle Bungles, dus we moeten creatief zijn. Waarom zo graag? Omdat dit bijzondere park pas eind jaren tachtig door de blanke Australiër werd “ontdekt”, de rotsformaties (werelderfgoed) nergens anders ter wereld voorkomen, en het lastig is om een afgelegener mooi gebied te vinden: toegang gaat alleen over een extreem slechte weg of per vliegtuig.

We gaan aan de slag als vrijwilliger in een toeristenkamp in het park, als “smurf”, naar onze blauwe poloshirts. In ruil voor het schoonmaken van toiletten, het opmaken van bedden en eindeloos afwassen worden we ingevlogen en krijgen we twee dagtochten door de Bungles.

Omdat het ons goed bevalt en we meer dollars nodig hebben, blijven we eerst nog twee weken betaald smurfen, en omdat niemand ons kwijt wil, knopen we er nog een week aan vast.

Na vier weken vieze toiletten, afwas, stof, hitte, de vliegen, de vogels die ’s nachts een prehistorisch kabaal maken en een oplopende drankrekening is het tijd om te gaan. Zeven dagen per week, twaalf uur per dag, bij veertig graden in de schaduw en ver boven de vijftig in de zon, is niet gezond, maar we zijn er wel goed van gevoed en een paar kilo aangekomen.

Vuur en drank

In Australië zijn bushfires een vast gegeven, en om erger te voorkomen steekt men hier zelf zoveel mogelijk natuur in brand. Overal zie je land dat brandt, net is afgebrand of afgebrand gaat worden; het lijkt of er jaarlijks meer wordt platgebrand dan er vanzelf zou kunnen ontbranden. Overal hangt een waas van rook, met als enige pluspunt spectaculair rode zonsondergangen.

In het noorden van West-Australië is de verkoop van goedkope wijn sterk aan banden gelegd: geen grote pakken, alleen de duurdere tweeliterpakken, met een limiet per persoon, verplicht vervoerd in een doorzichtige tas, en in Kununurra alleen te koop tussen elf en vijf. De achtergrond is de zware alcoholproblematiek in een deel van de Aboriginal-gemeenschappen, geworteld in generaties van onteigening en marginalisering sinds de kolonisatie. De regels ogen soms haast absurd, en ze lijken hun doel voorbij te schieten: waar eerst goedkope wijn werd gedronken, verschijnt nu sterkere drank. Het onderliggende probleem los je met een verkoopvenster niet op, en dat maakt het eerder triest dan lachwekkend.

Morgen rijden we, met vier nieuwe banden onder de auto, naar de Northern Territory: via een reeks stops langzaam afzakken naar Alice Springs, en dan weer omhoog naar Darwin, waar onze reis door Australië waarschijnlijk eindigt.

Verhaal uitgelezen? Een kleine bijdrage helpt de verhalen op weg te houden.





Praktische informatie

Route en tijd. Port Hedland – Broome – The Kimberley – Bungle Bungles (Purnululu) – Kununurra, 28 juli t/m 10 september 2006.

Bungle Bungles (Purnululu). Werelderfgoed met unieke bijenkorf-rotsformaties; alleen bereikbaar per 4×4 over een zware track of per vliegtuig. Vrijwilligerswerk in een toeristenkamp kan toegang en vluchten opleveren.

Klimaat en vuur. Extreem heet en droog; overal (deels gepland) bushfires en rook. Reken op grote afstanden en beperkte voorzieningen.

Alcoholregels. In delen van de Kimberley gelden strikte beperkingen op de verkoop van (goedkope) alcohol, samenhangend met verslavingsproblematiek in gemeenschappen. Houd rekening met beperkte verkooptijden en limieten.

Plan je reis

Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.

DelenWhatsAppE-mailFacebook
Advertentie

Nieuwe verhalen in je mail

Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.

Waardeer je dit blog?

Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.





1 comment

broome en de kimberley 13 juli 2026 - 14:37

[…] Achter de kust begint de eigenlijke Kimberley, een van de leegste en ontoegankelijkste streken van Australië. Het is een landschap van rood zandsteen, diepe kloven en rivieren die in de natte tijd overlopen en in de droge tijd tot poelen verschrompelen. Wegen zijn er nauwelijks; de bekendste, de Gibb River Road, is een onverharde doorsteek die alleen met een terreinauto te doen is. Verspreid liggen Aboriginal-gemeenschappen en veestations ter grootte van een klein land, en aan de zuidrand staan de gestreepte koepels van de Bungle Bungles. Het is een gebied dat zijn afgelegenheid niet verliest zodra je er bent; het draagt haar als voornaamste kenmerk. […]

Reply

Laat een bericht achter


Meer inspiratie