Voor we vertrekken zien we de bushbranden die vlak bij Kununurra woeden; gisteravond stonden de vlammen en de oranje gloed aan de overkant van het water, met het water als veilige barrière. De Australiërs lijken er geen greintje in geïnteresseerd. We rijden de vijfenveertig kilometer naar het Keep River National Park, dat precies op de grens van West-Australië en de Northern Territory ligt. Na vijf maanden West-Australië voelt de grens als een nieuw hoofdstuk; met de nieuwe banden rijdt de auto soepeler dan hij ooit heeft gedaan.
Weer de bush in
Vlak over de grens, zonder quarantaine, ligt de afslag het park in. Omdat de gravelroad van uitstekende kwaliteit is en we met de nieuwe banden veel grip hebben, rijden we door naar het verste punt, waar een lange wandeling begint. Verder doen we vandaag niets, en dat is precies de bedoeling: kamperen in de bush, zonder caravans, generatoren of grijze nomaden om ons heen, iets wat we lang niet zo hebben gehad.
Het enige minpunt zijn de steekvliegen, hier marsh flies genoemd, die dertig tot veertig keer om je hoofd zwermen voor ze landen. Terwijl ik hout verzamel voor het vuur, kom ik voor het eerst in maanden weer een kangoeroe tegen; in West-Australië zagen we ze door de droogte nauwelijks. Met een glas wijn en een gesprek met de buren zien we de rotswand voor ons steeds roder worden.
Na vijf maanden West-Australië voelt de grens met de Northern Territory als een nieuw hoofdstuk.
In deze serie: Australië
- 114. De rijke donateurs en het afscheid
- 115. Terug in Kununurra: nieuwe banden en een ticket naar Singapore
- 116. Kununurra uit, de Northern Territory in
- 117. Keep River: een mini-Bungles en rotskunst van 5000 jaar oud
- 118. Naar de Victoria River: krokodillen en rode kliffen
Zelf deze route gereden, of plannen in die richting? Ik lees en beantwoord alles.
Laat een reactie achter ›Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.