Op het station van Hohhot lukt het ons net niet zelf kaartjes te kopen, maar met de Chinese karakters voor “Zhongwei” uit de Lonely Planet en het aantal en tijdstip erbij, komen we een eind; gelukkig hanteert China dezelfde cijfers, dus 2 is gewoon 2. Een behulpzame Chinees helpt met de klasse: twee kaartjes hard-sleeper kosten 226 RMB (€22). Een politie-inval maakt het internetcafé daarna geen succes, vermoedelijk een actie van de staatscontrole.
Boarden in China
Welke wachtruimte en rij je moet hebben, hangt af van het treinnummer, dat overal op staat en strikt wordt gehandhaafd. Een half uur voor vertrek begint het boarden, in een rij die het perron op wordt gedirigeerd, waar de conductrice je kaartje omwisselt voor een ander, zodat zij weet waar je eruit moet.
Het stationspersoneel staat kaarsrecht in de houding op het perron, als een militair eerbetoon.
De hardsleeper
De hardsleeper is een slaapzaal op wielen: bedden drie hoog aan beide zijden, zonder deuren af te sluiten. Het onderste bed is om op te zitten, het middelste en bovenste alleen om op te liggen, met het risico in slaap te vallen. Omdat er heet water is, loopt iedereen af en aan met thee en instant-noedels, en het personeel verdient bij met de verkoop van eten. Het landschap is weinig boeiend: maïs en zonnebloemen, af en toe een stad waarvan de bebouwing zich kilometers langs het spoor uitstrekt, met fabrieken en koeltorens ertussen. Dan valt de nacht en slapen we, tot de conductrice ons om kwart voor drie wakker maakt: Zhongwei. Het railwayhotel ligt inderdaad op vijftig meter, en voor 60 RMB (€6) hebben we een kamer, al doet de douche het niet.