We staan vroeg op om kilometers te maken voordat de wind weer aanwakkert en het verkeer op gang komt. Om zeven uur is het nog fris, geen auto’s, geen wind. We ronden Lake Aviemore zonder tegenwind, langs veel dode wallaby’s met een rottingslucht die we nog van Australië kennen. Na de dam vervolgen we State Highway 83 naar Duntroon, waar een fietspad is aangelegd dat volledig los van de hoofdweg ligt. Zo nieuw dat het fijne grind nog niet is ingereden en het voelt als fietsen door woestijnzand. We rammelen liever over het asfalt. Met de wind in de rug en dalend gaat het vlot. Het landschap is agrarisch en weinig interessant: veel koeien in de wei, zo veel dat de waterkwaliteit er duidelijk onder lijdt.
Na 55 gemakkelijke kilometers zijn we blij in Duntroon aan te komen. Na een korte lunch in het gras bij een oude gevangenis, een van de vele historical sites hier, verlaten we de hoofdweg voor de doorsteek naar de Otago Central Rail Trail. Best wat kiwi’s fietsen de Alps 2 Ocean, maar dan georganiseerd, met de bagage vooruitgestuurd; zoiets zijn we tot nu toe alleen in Twizel tegengekomen.
Een dal dat steeds mooier wordt
Na de afslag is het landschap meteen aantrekkelijker: een dal met kale hellingen aan weerszijden, hoe verder we komen hoe nauwer. Aan het eind van de verharde weg passeren we de mooiste camping in dagen, te vroeg om te stoppen, maar een goede plek om de waterflessen te vullen. Daarna gaat het verder over grind, flink klimmend door een kloof, in een kaal, stenig berggebied vol schapen. Het landschap doet me denken aan wat ik zag vanuit de trein tussen Auckland en Wellington, een combinatie van het beste van Armenië, Kirgizië en Lesotho, althans zo voelt het voor mij. Er rijdt best wat vakantieverkeer over deze weg, en dat is irritant: auto’s die de weg afdalen over het wasbord kunnen soms niet op tijd afremmen, dus we moeten snel opzij als we er een horen aankomen.
We spreken een man uit Clyde, onder de indruk dat we hier met al onze spullen fietsen. Als we langs Clyde komen, zijn we bij hem thuis welkom. Hij heeft hier geen wallaby’s, en dat wil hij ook niet, want die zouden al het gras voor zijn schapen opeten.
We snappen de term pushbike hier beter dan ergens anders.
De laatste drie kilometer naar de top van bijna 1.000 meter zijn zwaar: los grind, een steil pad, en we lopen het grootste deel ernaast, de fietsen duwend. Na de top volgt een afdaling van acht kilometer naar de gratis DOC-camping bij Danseys Pass. Uitgeput maar voldaan komen we er om acht uur ’s avonds aan en wassen ons in een heldere stroom. We maken pasta en gaan vroeg onder de wol, moe van een dag vol klimmen, met alleen de muggen als storende factor. Het water uit de stroom gebruiken we ook voor het koken, gekookt tot drinkwater.
Foto’s uit Nieuw-Zeeland
Meer foto’s uit Nieuw-Zeeland ›




Waar deze dag ligt
Nieuw-Zeeland, nu in Nieuw-Zeeland. Bekijk de hele route ›
Verder in de serie
Naar het reisoverzicht ›Spring naar een andere aflevering
- 24. Grauw weer terug naar Twizel, en een avond met roze blikjes
- 25. Stilte en sterren: oudjaarsavond bij Lake Ohau
- 26. Nieuwjaarsdag tussen wallaby’s en informele gemeentecampings bij Lake Aviemore
- 27. Op de fiets tegen het talud op naar Danseys Pass
- 28. Kauwgomgrind en een gedeelde cabine in de regen naar Ranfurly
- 29. De koudste nacht, dan een dag vol tunnels op de Otago Central Rail Trail
- 30. Een generator die 24 uur draait, en het fietspad zonder brugdek
- Alle 59 afleveringen ›
Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.