Home AfrikaGambiaTerug naar Banjul: kreken, oesters en het afscheid van Gambia

Terug naar Banjul: kreken, oesters en het afscheid van Gambia

by Jeroen Kleiberg
Published: Updated:

Het vertrek uit Tendaba valt zwaarder dan verwacht. We schudden handen met het personeel, Mette is er zo’n beetje boss lady geworden, en Mariana van de receptie schiet vol. We zijn kennelijk meer dan gewone gasten geweest. De rit van zo’n zeventig kilometer gaat met de wind mee, maar de weg is drukker dan eerder: blauwe bussen en taxi-brousses rijden hard en dicht, en duwen ons af en toe de berm in.

Vergeet ons niet: afscheid van Tendaba en toeristisch Gambia

Kajak op een smalle, spiegelgladde mangrove-kreek in Gambia bij avondzon

Halverwege stoppen we voor ons tweede ontbijt, stokbrood met chocopasta en een banaan, bewust ver van een dorp om geen kinderen aan te trekken. Binnen enkele minuten mislukt dat plan. Uit alle richtingen komen kinderen aanlopen, eerst voorzichtig, dan dichterbij. We begroeten ze een voor een, vragen hun naam, of ze naar school gaan en wat ze willen worden. Al snel staan we midden in een groep van een stuk of dertig. Mette wordt het middelpunt: kinderen kruipen tegen haar aan en houden haar hand vast, de jongens maken zorgvuldig foto’s, de meisjes betasten haar haar en passen haar pet. Dit soort nabijheid zou thuis ondenkbaar zijn.

Stille getijdenkreek door dichte mangrove in Gambia bij eb, met drooggevallen oever en luchtwortels in avondlicht

Ze laten ons beloven hen niet te vergeten.

In de namiddag loopt de hitte op en raakt Mette oververhit; we zoeken dringend schaduw. Langs de weg duikt het Guava Moto Café op, gerund door Pakistaanse zussen uit Manchester en hun vader, gericht op overlanders en fietsers. We drinken meerdere rondjes ijsthee en sap. De zussen hebben zich hier zo genesteld dat teruggaan geen optie meer lijkt. We overnachten bij Abca’s Creek Lodge, tussen de mangroven langs de Bintang Bolong: apen in de tuin, eten aan het water, en een toeristisch Gambia dat abrupt begint. De meeste gasten zijn westers, veelal Nederlands, met schema’s, gidsen en chauffeurs. Er staan bitterballen op de kaart, en zelfs wij trappen erin.

Het plan is simpel: met afgaand tij peddel je met de stroom mee zo’n twaalf kilometer door de kreek naar Bintang, en de lodge regelt vervoer terug. Maar we vertrekken pas rond vijf uur, en de zon gaat om zeven uur onder. Het zakt nog niet, en we peddelen tegen de stroom in.

Mijn horloge meldt een snelheid van drie kilometer per uur.

Als het net na zessen is en we pas 3,3 kilometer hebben afgelegd, kijken we elkaar aan. Even hoofdrekenen: met dit tempo komen we rond negen uur aan, twee uur na zonsondergang, in een mangrove, zonder licht, met krokodillen. De toerboot voor ons keert al om. Wij ook. Met de stroom mee zijn we net voor zonsondergang terug, een illusie armer, maar een nachtelijke dwaaltocht rijkelijk ontweken.

Oesters op touwen: leven op het ritme van het water

Oestertrossen aan touwen en houten palen in een mangrovekreek in Gambia bij laag water

De volgende ochtend staat het water in de kreek weer hoog, net als gisteren, wat bevestigt dat kajakken ’s ochtends prima was gegaan. De beheerder blijft er stoïcijns onder en biedt aan twintig euro terug te geven; volgens haar peddelen we te langzaam. Meer dan dat komt er niet uit; de rest zou met de Nederlandse eigenaar moeten worden besproken, en dat gebeurt nooit.

Sometimes you win, sometimes you lose.

We fietsen vijfentwintig kilometer naar Kukus Nature Glamping, waar Ariënne, een Nederlandse, ons hartelijk ontvangt. Ze heeft er in een jaar zes safaritenten neergezet langs de rand van een kreek, en we zijn de enige gasten. Bij vloed kijken we uit over het water, bij eb over een drooggevallen oever vol leven, twee landschappen voor de prijs van één. Aan het eind van de dag neemt een buurman ons mee de mangrove in. Zijn motor is stuk, en dat beschouwen we als een cadeau: we glijden geluidloos langs de luchtwortels, alleen het zachte klotsen van de peddels en vogelgeluid. Zo zien we hoe hier oesters worden gekweekt, aan rijen touwen en palen in het water waar de schelpen zich jaar na jaar aan vasthechten, afhankelijk van het getij en de waterkwaliteit.

De volgende dag fiets ik ’s ochtends alleen. In het bos kom ik een man tegen die hout sprokkelt met een geweer over zijn schouder. Dat ene beeld vat samen wat we de afgelopen weken telkens zagen: in Senegal en Gambia wordt overal hout verzameld voor brandstof en houtskool, en tegelijk wordt er gejaagd, soms voor vlees, soms om gewassen te beschermen. Voor wie arm is, is een wild dier geen romantisch idee maar voedsel. Bossen verdwijnen, leefgebieden raken versnipperd, en de dieren die overblijven worden bejaagd. Dat verklaart waarom we nauwelijks groot wild hebben gezien: veel vogels, een glimp van een nijlpaard, chimpansees in een beschermd park, hier en daar bavianen. Ik wist dat dit geen safaribestemming is, maar het blijft confronterend hoe weinig ruimte er overblijft voor alles wat niet menselijk is.

De laatste fietsdag en Maria in goud

De laatste fietsdag naar Banjul is overleven. Kiepwagens vol zand en grind, minibusjes die voor ons invoegen en grote blauwe bussen die zich niets van fietsers aantrekken. We laten het zwaaien naar de kinderen die toubab roepen deze keer varen en rijden door. We komen terecht bij Dabo House, waar we de reis begonnen, en waar een Zweedse groep een week lang Afrikaans zingen, dansen en trommelen heeft geoefend. Die avond is de slotvoorstelling. Na afloop mag het publiek de danskring in; Mette bedankt, ik laat me door een Gambiaanse danser meetrekken en houd het tempo bij, tot verbazing van de toeschouwers, die dat van een blanke niet verwachten. De uitblinker is het dochtertje van de danser, een jaar of twee, dat met vanzelfsprekend gemak meebeweegt.

Eerder die dag spraken we bij Kukus de Nederlandse eigenaresse, kort geleden getrouwd met een jongere Gambiaanse man. Het gesprek ging over spanningen, over investeringen en verwachtingen, over familieverplichtingen en cultuurverschil. Toeristische investeringen dragen hier een reëel risico, en het verschil is simpel: wij kunnen weg, zij niet zomaar.

Op de laatste ochtend pakken we de fietsen in dozen met tape, karton en bubbeltjesplastic, want de reis gaat door naar Namibië. De dag bestaat verder uit wachten, bij het zwembad en tot een maag tot rust komt na iets verkeerds. ’s Avonds zien we Maria terug, de receptioniste van Tendaba, die ons voor ons vertrek nog één keer wilde zien. Toen ze voorstelde af te spreken op de luchthaven, hielden we de boot af, bang dat ze ons zou vragen een pakketje naar haar broer in Nederland mee te nemen. In plaats daarvan eten we samen op het strand.

Ze komt om zeven uur, stralend in het goud, niet om iets te vragen maar om afscheid te nemen, met een jurk voor Mette en een shirt voor mij.

Verhaal uitgelezen? Een kleine bijdrage helpt de verhalen op weg te houden.





Praktische informatie

Route en afstand: van Tendaba westwaarts langs de Bintang Bolong (ca. 70 km) naar Abca’s Creek Lodge, dan 25 km naar Kukus Nature Glamping, en de laatste fietsdag terug naar Banjul. De weg wordt naar de kust toe drukker en drukker; reken op fors busverkeer rond Banjul.

Toeristisch Gambia: vanaf de Bintang Bolong verandert het gezelschap: pakketreizigers, gidsen en chauffeurs. De lodges zijn comfortabel maar duidelijk op groepen ingericht.

Kajakken op de bolong: vertrek vroeg en alleen bij afgaand tij, anders peddel je tegen de stroom in. Begin niet laat op de middag: de zon gaat rond zeven uur onder en varen door de mangrove in het donker is geen optie. Reken zelf de aankomsttijd uit voordat je vertrekt.

Slapen: langs de kreken liggen kleinschalige lodges (Abca’s Creek aan de Bintang Bolong; Kukus Nature Glamping met safaritenten). Bij eb en vloed verandert het uitzicht volledig; een plek aan het water is de moeite waard.

Terugreis: in Banjul (en bij Dabo House waar de fietsdozen bewaard kunnen blijven) is de fiets weer in te pakken. Neem tape en stevig karton mee; kleinere dozen zijn soms nodig voor een aansluitende vlucht.

Plan je reis

Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.

DelenWhatsAppE-mailFacebook
Advertentie

Nieuwe verhalen in je mail

Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.

Waardeer je dit blog?

Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.





Laat een bericht achter


Meer inspiratie