Home AfrikaMarokkoVan de bergen naar de woestijn in Marokko: De onverharde logica van de Anti-Atlas

Van de bergen naar de woestijn in Marokko: De onverharde logica van de Anti-Atlas

by Jeroen Kleiberg
Published: Updated:

De dag begint op een onverhard pad waar de tijd lijkt te zijn gestold in leem en stof. Het eerste dorp ligt verscholen tussen deels ingestorte huizen en een ranke minaret. Ezels, beladen met vrouwen in kleurrijke stoffen, dicteren hier het tempo. Het maken van foto’s van de lokale bevolking laat ik achterwege; de camera voelt hier als een inbreuk op een precaire privacy. Het is een wereld van kijken en bekeken worden, zonder de filters van georganiseerd toerisme.

De fysieke tol van de flankroute

De werkelijke uitdaging openbaart zich zodra de weg de flanken van de Anti-Atlas opzoekt. Doordat de route de grillige contouren van de flanken volgt, is de weg technisch en meedogenloos. Het pad is bezaaid met diepe geulen en losse stenen, waardoor ik regelmatig het evenwicht verlies en gedwongen word de fiets te duwen. De stilte is totaal, op het knarsen van stenen en mijn eigen zware ademhaling na. Elke extra kilo in mijn tassen—het resultaat van de overmatige voorraad van gisteren—bewijst zich hier als een tactische blunder. Boven de 2200 meter vlakt het terrein af tot een stenige hoogvlakte waar herders hun kuddes over de kale bodem drijven. Het is een landschap dat op het randje van ecologische uitputting balanceert.

De illusie van het asfalt

Na een ochtend zwoegen bereik ik eindelijk een verharde weg. De teller staat op een schamele tien kilometer, maar de gladde ondergrond wekt de illusie dat de rustige afdaling richting de woestijn nu echt kan beginnen. Het landschap denkt daar anders over. Wat volgt is een van de zwaarste beproevingen tot nu toe: de weg snijdt dwars door de plooien van het gebergte, waardoor het parcours eindeloos op en neer gaat. Iedere keer dat ik denk de laatste klim te hebben gehad, doemt er een nieuwe helling op. De steilheid en het constante geploeter lijken geen einde te kennen.

De omgeving werkt niet mee; de hoogvlakte is kaal en de dorpen stralen een zekere troosteloosheid uit. De enthousiaste reacties van mensen langs de weg trekken me door de zwaarste momenten heen. Af en toe vang ik een glimp op van een schitterend uitzicht.

Slapen aan een droge rivier

Uiteindelijk, na wat voelt als een eeuwigheid, bereik ik een lange afdaling die me wegvoert uit deze eindeloze bergen. Ik heb nog ongeveer 45 minuten voor de zon ondergaat. Het enige wat ik nodig heb, is water – de rest heb ik nog bij me, al heb ik nu al twee dagen tegen elke berg op gevochten. Net buiten het dorp vind ik een prachtige, verscholen plek aan de oever van een droge rivier. De hemel vult zich met ontelbare sterren, krekels tsjirpen zachtjes, en verder is het doodstil. Een perfecte afsluiting van een uitputtende, maar bijzondere dag.

Laat een bericht achter


Meer inspiratie