De wind die de hele nacht aan de tentstokken trok, is bij het aanbreken van de dag niet gaan liggen. Het ontbijt blijft beperkt tot wat mandarijnen en repen; uitgebreider koken is zinloos als de lucht vol opwaaiend zand zit. De route terug naar Zagora begint met een fysiek gevecht tegen een harde noordoostelijke tegenwind. Terwijl ik mezelf de helling op beul, herstelt de geografie de balans: op het hoogste punt opent zich een panorama waar de eindeloze woestijnvlakte botst op de diepgroene strook van de oase, gemarkeerd door de verticale lijnen van minaretten.
Het tamtam-alarm van de oase
De gekozen route voert weg van de hoofdweg, dieper de stoffige paden tussen de palmbomen in. In deze dorpen lijkt het toerisme nog een abstract begrip, wat de sociale interactie intens maar ongepolijst maakt. Het passeren van een half ingestort dorp zet een onzichtbaar alarm in werking. Binnen seconden rennen kinderen vanuit alle hoeken op de fiets af. Het is geen bedelen, maar pure nieuwsgierigheid naar het spannendste object van de dag. Onopgemerkt blijven is de enige tactiek om de omgeving in je op te kunnen nemen; zodra de groep te groot wordt, rest er niets anders dan vaart maken.
In deze achterafgebieden voelt Marokko meer dan ooit als onderdeel van het Afrikaanse continent. De bevolking is overwegend donker, de dorpen zijn sober en de vrouwen dragen stoffen in kleuren die fel afsteken tegen het oker van de leem.
De vicieuze cirkel van de dadelpalm
Fietsen door de uitgestrekte palmoases van de Drâa-vallei is visueel een feest, maar de ecologische frictie is overal zichtbaar. Veel bomen staan er slecht bij. De Bayoud-schimmel, een hardnekkige ziekte die floreert in monoculturen, vreet aan de fundamenten van de lokale economie. Waar oases vroeger diverse ecosystemen waren met een mix van gewassen, domineert nu de dadelpalm vanwege de hoge marktwaarde.
De reactie op de droogte verergert het probleem: boeren pompen steeds meer water op, waardoor de traditionele khettara-kanalen (ondergrondse aquaducten) droogvallen en de bodem uitput. Terwijl de landbouw onder druk staat, groeit het toerisme als alternatief, maar de hotels met hun zwembaden leggen een nieuwe, zware claim op de laatste waterreserves. Met een bevolking die sinds 2001 is gegroeid van 28 naar 38 miljoen mensen, schuurt de demografie steeds harder tegen de ecologische grenzen aan.
De laatste sprint
Het hoogtepunt van de dag is een vallei waar de menselijke schaal volledig verdwijnt. Kleine groene stipjes van acacia’s zijn de enige referentiepunten in een landschap waar zandduinen zich tegen de flanken nestelen. Het is een leegte die honderden kilometers doorloopt en uitnodigt tot een volgende expeditie.
De laatste vijftig kilometer naar Zagora verandert de tegenwind in een krachtige rugwind. Met minimale inspanning haal ik een snelheid die in schril contrast staat met het geploeter van de ochtend. De reis eindigt in de stad met een tajine op een terras. De variant met pruimen is helaas uitverkocht, dus wordt het köfte. Een kleine logistieke tegenvaller om de tocht mee af te sluiten.