
Aamaa heeft een groot verantwoordelijkheidsgevoel, en wil zeker weten dat we staan waar hij ons weet staan; de enige manier daartoe is ons er zelf brengen. Voor een ervaren chauffeur met een Russische minibus is geen weg te ruig. We klimmen over de eerste heuvelrij en worden diep in een trechtervormig dal afgezet, op een plek met drinkwater en brandhout. Aamaa belooft ons vanavond op te zoeken, niet alleen uit plichtsgevoel maar ook omdat hij het prettig vindt; hij komt langs met zijn vriendin.
Bezoek te paard
Al snel pruttelt er eten boven het vuur. In de rust van de vallei genieten we van de zon en de grondeekhoorns die zich net niet voor een close-up laten verleiden. Zodra het warm genoeg is voor thermiek verschijnen de grote vogels: adelaars en gieren met een enorme spanwijdte, waarvan de schaduw op de grond nog groter is. Uit de verte naderen een paar paarden, en even later een hele Mongoolse familie, die naast onze tent afstijgt. We begroeten elkaar met sain baina uu, maar door de taalbarrière houdt het gesprek daar op. Een kop thee is altijd goed; het bijbehorende biscuitje wordt afgeslagen. Dan stijgen onze gasten weer op en verdwijnen in de leegte.
Onweer in het dal
’s Nachts blijkt het trechtervormige dal een slechte keuze. De wind jaagt met stormkracht door het kamp; de tent trilt en trekt aan de scheerlijnen, maar houdt het. Dan begint het te bliksemen en te onweren.
De donder rolt krakend door het dal terwijl de tent bijna van de grond wordt getrokken.
In deze wijde uitgestrektheid lijkt onze kleine tent niet op haar plaats, en lekker voelt het niet, maar er valt ’s nachts weinig aan te doen. De volgende dag dalen we af naar het meer voor een luie dag en een grondige wasbeurt, met de tandenborstel in de mond zwemmend. Aan het water word ik uitgedaagd tot worstelen en win ik na twintig uitputtende minuten mijn eerste partij van een Mongool, al was die Mongool dan ook pas vijftien. Van een local kopen we een versgevangen vis, die ons gastgezin verwerkt tot een soort pannenkoek met een lichte vissmaak; het meeste van de vis is vermoedelijk in de magen van de familie verdwenen. Een nieuwe onweersbui bevestigt dat beneden blijven de juiste keuze was. Als de zon achter de bergen zakt, kleurt de hemel van diepgeel naar oranje, alsof er aan de horizon een brand woedt.

Deze verhalen schrijf ik zelf, onderweg, zonder advertenties en zonder sponsor. Vond je het de moeite waard? Dan mag je me trakteren op een koffie of een biertje.
Jeroen
Waar deze dag ligt
Over land naar Singapore, nu in Mongolië. Bekijk de hele route ›
Verder in de serie
Naar het reisoverzicht ›
‹ Vorige aflevering21. Grondeekhoorns en gedoofde vulkanen bij Terkhiin Tsagaan Nuur
Volgende aflevering ›23. Worteltjestaart in Tsetserleg en het klooster Erdene ZuuSpring naar een andere aflevering
- 19. Sprinkhanen, wolven en wodka bij het Hövsgöl
- 20. Te paard langs het Hövsgöl Nuur
- 21. Grondeekhoorns en gedoofde vulkanen bij Terkhiin Tsagaan Nuur
- 22. Storm boven het witte meer: een nacht in het trechterdal
- 23. Worteltjestaart in Tsetserleg en het klooster Erdene Zuu
- 24. Naadam in Ulaanbaatar: worstelaars en nomaden van de steppe
- 25. Gorkhi-Terelj: dammen bouwen en een tent aan flarden
- Alle 152 afleveringen ›
Spring naar een andere reis
- Over land naar Singapore 2005–2006
- Roadtrip door Australië 2006
- Terug door Zuidoost-Azië 2006–2007
- Fietsreis van Praag naar de Kaukasus 2010
- Fietsreis door Nieuw-Zeeland 2015–2016
- Over land naar het oosten 2018
- Fietsreis door Zuid-Marokko 2024
- Fietsreis door Senegambia 2025–2026
- Fietsreis door zuidelijk Afrika 2026
- Te voet door Bulgarije 2026
- Te voet door Turkije 2026
- Alle reizen op een rij ›
Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Zonder advertenties
Ik schrijf en fotografeer alles zelf. Vind je het de moeite waard, trakteer me dan op een koffie of een biertje.
Jeroen