Na dagen hitte slapen we voor het eerst weer koud. De Benguelastroom koelt de lucht boven zee sterk af; daardoor liggen de temperaturen aan de Namibische kust tientallen graden lager dan in het binnenland. De missie van de ochtend is een gasfles vinden voor onze brander.

De plek daarvoor is Cymot, maar op zondag zijn ze dicht; op zaterdag sluiten ze om 13.00 uur en gisteren waren we te laat. De andere outdoorwinkels in de stad verkopen de brander maar niet de bijpassende campingfles, maar gelukkig werkt onze brander ook op benzine, dus een extra dag wachten hoeft niet.

Swakopmund
Swakopmund werd eind negentiende eeuw gesticht door de Duitsers en dat zie je nog altijd terug: pastelkleurige gebouwen, Duitse namen en een strandboulevard die eerder Europees dan Afrikaans aanvoelt. Tegelijk is het een vakantieplaats voor welgestelde Namibiërs, vooral uit Windhoek, met langs de kust opvallend veel grote tweede woningen die buiten het seizoen leeg staan.
Hekken, camera’s en bewakers zijn geen uitzondering bij huizen, winkels en campings: een zichtbare tegenstelling tussen de dure vakantieverblijven en het dagelijkse leven van Namibiërs die voor een veel lager inkomen in deze plaatsen werken.

Fietsen langs de Oceaan
We verlaten Swakopmund in noordelijke richting, met de Atlantische Oceaan continu links. Rechts strekt zich een vlakke zand- en grindwoestijn uit met hier en daar kleine pollen gras; de lucht heeft een beige waas van het stof dat overal hangt, en aan de oceaankant zweeft een lichte nevel van koele zeelucht die condenseert boven het water.
Bomen zijn er nergens.
De monotone rechte weg wordt onderbroken door Wlotzkasbaken: een surrealistische nederzetting met een naam die beter bij de plek past dan je zou verwachten. Een verzameling gekleurde huizen staat lukraak in de woestijn verspreid. Bomen zijn er nergens.

Henties Bay
Henties Bay schijnt populair te zijn bij welgestelde Namibiërs die de hete zomermaanden willen ontvluchten; wij ervaren het als een troosteloos oord met een paar grote supermarkten en weinig sfeer. We brengen onze voorraden op orde voor de volgende etappe terug naar het binnenland.
De camping is misschien wel de meest troosteloze van het land: een grote zandbak zonder schaduw of privacy, vol Zuid-Afrikaanse en Namibische camperaars die overdag vissen, ’s avonds vis eten en ’s nachts waarschijnlijk over vis dromen. Elke plek heeft wel een eigen betonnen blokje met douche, toilet en een kleine buitenkeuken. Dat is hier de luxe.
Meer uit deze serie:
← Lift door de Namib naar de kust
Met de wind in de rug naar Spitzkoppe →
In deze serie: Zuidelijk Afrika
- 12. Meewind naar Solitaire
- 13. Lift door de Namib naar de kust
- 14. Langs de koele Atlantische kust naar Henties Bay
- 15. Van Henties Bay naar Spitzkoppe: wind mee over het plateau
- 16. Slapen tussen de rotsen van Spitzkoppe
Zelf deze route gereden, of plannen in die richting? Ik lees en beantwoord alles.
Laat een reactie achter ›Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.
2 comments
Dat eerste plaatje, van die vrolijk gekleurde huisjes, toont stukken beter dan de camping in Henties. Is dat dan Wlotzkosbaken??
Die gekleurde huisjes zijn inderdaad die plaats met die mooie naam. Henties Bay is deprimerend