Safari met smalltalk

Published: Updated: 0 comments

Bossen, groen, stilte. En dan valt het op. Overal wordt hout gekapt: stapels brandhout langs de weg, karren vol houtskool voortgetrokken door ezels. In Senegal zagen we het al, maar hier lijkt het nog structureler. Voor veel mensen is houtskool een van de weinige manieren om aan geld te komen, en een boom is het enige kapitaal dat hier voor het oprapen ligt.

Gambia oogt armer dan Senegal: rommeliger en minder geordend, met afval dat nergens lijkt te worden opgehaald. Er wordt weleens gesproken over Senegambia, alsof beide landen één zijn. Historisch klopt dat deels: het gebied was lange tijd één koloniaal speelveld, eerst Portugees, later Brits en Frans, en tussen 1982 en 1989 bestond er zelfs een bestuurlijke unie. Onderweg voelt het verschil echter groot; bestuurlijk, economisch en in dagelijkse orde zijn het twee werelden.

Langs de weg passeren we voortdurend checkpoints: politie, militairen, soms douane. Elk voertuig wordt staande gehouden; als fietsers zwaaien we vriendelijk en mogen we door. Officieel bedoeld om drugstransporten tegen te gaan, al is het resultaat moeilijk te beoordelen.

Over de rivier naar Kuntaur

Om Kuntaur te bereiken moeten we de Gambia-rivier oversteken: eerst via een brug naar Janjanbureh-eiland, een plek die in elke reisgids als hoogtepunt wordt gepresenteerd al blijft voor ons onduidelijk waarom precies, en daarna een korte overtocht met een bootje. Aan de oever worden we direct aangesproken door pushers: de veerboot zou niet gaan, we moeten nú mee, opschieten. We doen wat altijd werkt: handen schudden, rustig praten, duidelijk maken dat we geen haast hebben en geïnteresseerd zijn in wat er gebeurt. De sfeer kantelt, van pusherig naar vriendelijk, en zonder onderhandelen zakt de prijs van dertig naar vijfentwintig dalasi per persoon, zo’n 30 eurocent. Onze fietsen gaan op het dak van een gammel bootje, er stappen meer mensen in dan comfortabel is, maar we krijgen wel zwemvesten.

Terwijl ik even wacht langs de weg, stopt een man op een motor om te vragen of alles goed gaat. Als hij hoort dat we landen doorkruisen per fiets, valt zijn mond bijna open; even later komt hij terug. We hebben hem geïnspireerd en hij wil nu zelf op fietsreis. Ik laat hem een rondje rijden op mijn fiets. De helm had hij al op. Dat scheelt weer. De laatste kilometers naar Kuntaur worden we begeleid door een groep schoolkinderen op de fiets. Ze zijn net klaar met hun reguliere lessen, Engels en wiskunde, en gaan later die middag nog een tweede keer naar school, voor koranonderwijs.

Safari met bijgeluid

Kuntaur is armoedig en rommelig, maar de lodge ligt aan het water met uitzicht over de rivier en de groene eilanden van het River Gambia National Park. Het park werd juist hier opgericht omdat het water, de vegetatie en de rust geschikt zijn voor primaten en groot wild: chimpansees, bavianen en nijlpaarden.

Zoals elke toerist die hier komt, gaan ook wij met een bootje het water op. We zien een glimp van een nijlpaard, niet spectaculair maar wel echt. Dan, aan de waterkant, zitten chimpansees. Wilde chimpansees. Voor het eerst in mijn leven.

De magie wordt professioneel onderbroken.

Precies op dat moment stapt de ranger in onze boot om de park fee te innen. En voor smalltalk, heel veel smalltalk: First time in Gambia? How you like Gambia? Where you come from? De chimpansee zit rustig in beeld terwijl de vragen doortetteren.

Even later vaart de boot verder. De ranger tevreden, de chimpansee verdwenen. Gelukkig heb ik de foto’s nog.

Verhaal uitgelezen? Een kleine bijdrage helpt de verhalen op weg te houden.





Foto’s uit Gambia

Meer foto’s uit Gambia ›

Waar deze dag ligt

DelenWhatsAppE-mailFacebook
Advertentie
Jeroen Kleiberg

Jeroen Kleiberg

I like to explore some more

Nieuwe verhalen in je mail

Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.

Waardeer je dit blog?

Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.





Laat een bericht achter


Meer inspiratie