Teleurstellend. Dat is wat ik overhoud van de 140 kilometer die we vandaag fietsen naar Kongola. Ik had me juist verheugd op deze etappe. We rijden door een gebied dat onderdeel is van de Kavango–Zambezi Transfrontier Conservation Area, een van de grootste beschermde natuurgebieden ter wereld. Hier komen meerdere nationale parken samen en vormen ze een grensoverschrijdende corridor voor wildlife. De Caprivistrook, tegenwoordig de Zambezi-regio, staat bekend als een van de beste plekken in Afrika om dieren te zien.
Ik weet dat dieren spotten geen garantie is. Ze zijn actiever in de ochtend en avond, vermijden mensen en in het regenseizoen is er overal water en voedsel. Maar helemaal niets zien is wel erg karig.

Wildernis met vrachtverkeer
Wat er wel is: vrachtwagens. Veel vrachtwagens. Bij een korte stop raken we aan de praat met een chauffeur. Ze komen uit Zambia en vervoeren zink naar de haven van Walvisbaai. Op de terugweg nemen ze goederen mee die via de haven het land binnenkomen. Het is een route door de wildernis, maar het voelt eerder als een logistieke ader.
Ook de bebouwing helpt niet mee. De nederzettingen met hutten – vaak van de San, ook wel bekend als bosjesmannen – liggen hier vrij dicht op elkaar. Na Omega volgen zeker tien kilometer gecultiveerd land. Daarna een stuk natuur, en vervolgens weer kilometers met hutten en kleine akkers met gierst. Het landschap wisselt, maar nergens echt lang genoeg om het gevoel van leegte vast te houden.

Leven met leeuwen
Ongeveer dertig kilometer voor Kongola stoppen we opnieuw, dit keer bij een klein winkeltje. We kopen een koude cola. Zoals altijd trekken onze fietsen direct de aandacht, maar mijn interesse ligt ergens anders. Hoe is het om hier te wonen? Zijn ze bang voor leeuwen?
Het antwoord komt zonder twijfel. Ja. Leeuwen komen hier regelmatig, soms zelfs bij de school om water te drinken. Mensen vallen ze zelden aan, maar geiten verdwijnen af en toe. De boodschap is duidelijk: leeuwen zijn geen dieren waar je risico mee neemt. Als ze je zien als prooi of als hinderlijk, ben je kansloos. De geruststelling zit in de timing: overdag liggen ze meestal ergens in de schaduw.

Groen en leven
We ronden de oversteek zonder hoogtepunten af. De Kongola-rivier, die we oversteken, is kleiner dan verwacht. Een bescheiden stroom die uiteindelijk uitkomt in de Zambezi. Maar zodra we het rivierdal in rijden, verandert het beeld. Het wordt groener, vochtiger. En ineens zijn daar weer dieren. Verschillende soorten antilopen, bavianen. Alsof iemand een schakelaar omzet.
Volgens Tracks4Africa ligt er een camping een paar kilometer verderop. We slaan een zandpad in en komen uit bij een plek aan het water. In het riet horen we nijlpaarden. Niet zichtbaar, maar dichtbij genoeg om serieus rekening mee te houden.
De afgelopen twee dagen steken we ongemerkt een waterscheiding over. Van het stroomgebied van de Okavango naar dat van de Zambezi. Op de kaart een dunne lijn. In het landschap nauwelijks zichtbaar, maar bepalend voor alles wat hier stroomt.