Het is de laatste werkdag voor het weekend. We beginnen met een bucket rate van $2,50 en vullen voor de pauze negenenveertig emmers. Daarna hoeft er nog maar een klein veld leeg, met nauwelijks druiven aan de struiken. Jammer, want hiervoor geldt juist $2,80 per emmer; met negen emmers schiet het cashen niet op. Om half één zijn we al klaar, en komen we niet verder dan $147,70.
De werkweek loopt hier van donderdag tot en met woensdag, en deze laatste dag voor het lange weekend is betaaldag. Doordat we nog onbedreven zijn, vallen onze opbrengsten tegen, al ligt de prijs per emmer gemiddeld hoog. Omdat we agrarisch werk doen, betalen we maar dertien procent belasting, en de overnachtingen zijn goedkoop. Veel kosten maken we niet.
Bier met de Belgen
’s Avonds drinken we bier en wijn met de Belgen op de camping. Zij zijn al bijna een jaar in Australië, vooral in West-Australië en de Northern Territory, en volgens hen is het daar schitterend. Queensland viel ze tegen vanwege het toerisme, iets wat wij zelf ook al hadden begrepen. Zij willen door naar Azië, dus geven we elkaar tips. Ze blijken zelf ook een soort Karel-ervaring te hebben gehad, en daar kunnen we nu allemaal hard om lachen.
Dit levert veel minder op dan het data-entrywerk in Melbourne, waar we samen tweehonderd dollar per dag verdienden, maar het levert wel de betere verhalen op.