Doordat de kamer donker is, slapen we uit tot negen uur, eigenlijk te laat om in deze hitte te reizen. Na een ontbijt van koffie en kaaspizza lopen we naar het busstation, dat sterk aan Laos doet denken: stof, oude minibusjes die tot de nok worden volgeladen, en kooplui met van alles. Hier worden we positiever over Georgië, want de mensen hebben plezier en we worden niet bot behandeld. Voor tien lari per persoon kopen we kaartjes voor de marsjroetka naar Kutaisi; de chauffeur is een bolle, goedlachse man met een blote buik.
Net als alle chauffeurs is hij een coureur: inhalen vlak voor bochten en op hellingen, toeteren om ruimte te claimen of gewoon omdat het kan. Het eerste stuk rijden we langs zee, waar een brede grasstrook met grote bomen vol picknickende mensen ligt; het oogt een stuk relaxter dan Batumi. Daarna wordt het binnenland leeg en vlak, met links in de verte de hoge Kaukasus en rechts de lage. De wind is zo warm als een föhn. Hiertegenin fietsen zou geen pretje zijn geweest.
Een verademing in Kutaisi
Om half drie lopen we Kutaisi binnen. Met de stadsbus worden we voor twintig cent in het centrum afgezet; op een terras in het park vullen we onze vochtreserves aan met perenlimonade. De hitte is hier droog, een stuk aangenamer dan de vochtige hitte van Batumi. We klimmen de heuvel bij de kathedraal op naar een homestay, en dat is een verademing: gastvrij onthaal, een grote kamer in een mooi huis voor veertig lari. De eigenaar vindt het zonde, en is bijna boos, dat ons het noorden wordt afgeraden, gebieden die volgens hem volstrekt veilig zijn.
Waarop is die waarschuwing gebaseerd: op accurate informatie, of op het vermijden van elk denkbaar risico?
We treffen meteen leuke medereizigers: een Zweed, een Finse, een Frans-Canadees, een Luxemburger en twee Fransen. Op de Zweed na zijn ze allemaal in Svaneti geweest, zonder problemen en waanzinnig mooi. Daar gaan wij dus ook naartoe. Het hele idee om naar Georgië te komen was nu eenmaal gebaseerd op hoge bergen, gletsjers en wandelen. De verhalen die we horen zijn zonder uitzondering positief, en nu deze plek ook goed voelt, kan het bijna niet anders dan dat Batumi de uitzondering was. ’s Avonds eten alle gasten samen mee met de dagelijkse kost, met Georgische wijn erbij; de eigenaar en zijn dochter spreken goed Engels.
In deze serie: Fietsreis 2010
- 78. De grens over naar Batumi
- 79. Een stroef begin in Batumi
- 80. Met de marsjroetka naar Kutaisi
- 81. De kloosters van Kutaisi
- 82. De Kaukasus in, naar Svaneti
Zelf deze route gereden, of plannen in die richting? Ik lees en beantwoord alles.
Laat een reactie achter ›Mooi verhaal? ☕ Trakteer me op een koffie.