Terug op het moederschip smeert onze gids ons een excursie naar de dam aan, met het argument dat we de dam anders helemaal niet zien, precies waarvoor we deze trip hebben geboekt. We zwichten en onderhandelen tot 125 RMB (€12,50) per persoon. Onderweg blijkt dat we ook voor de bus van Yichang naar Wuhan te veel hebben betaald: bij haar collega in Chongqing 130 RMB (€13), terwijl het hier 90 RMB (€9) is.
De grootste dam ter wereld
Tegen alle beloften in komen we pas om negen uur ’s avonds bij de dam, en stappen we in een bus.
Twee en een halve kilometer lang en 175 meter hoog levert de dam zo’n drie procent van de Chinese stroom, in een land waar wekelijks een kolencentrale opent.
We zien de spuigaten met geweld water uitstoten, maar krijgen geen tijd om onder de indruk te raken: haasten, haasten, naar een volgend uitzichtpunt, langs een maquette en een fontein waar de bezoekers zich laten fotograferen.
Naar de paardenshow
Dan rijden we de verkeerde kant op, de dam uit het zicht, en eindigen we bij een paardenshow. Wat een paardenshow met de grootste dam ter wereld te maken heeft, ontgaat ons volledig. Nu is er plots geen tijdsdruk meer: de show duurt twee tenenkrommende uren. Het is na middernacht als we terug bij de haven komen, waar geen boot ligt; die laat nog twee uur op zich wachten. Volgens onze gids moeten we juist blij zijn, want we hebben precies hetzelfde gedaan als de Chinezen. Een punt heeft ze, maar niet het punt dat wij willen maken: we zijn opgelicht, en dat al dagen.