Floor begint bij de buren als bloemenplukster; de hele familie werkt mee, en oma brengt elke dag thee met gebak langs. Ik begin om half negen als ambtenaar, en het is vreemd dat ik als niet-Australiër zomaar op een ministerie aan de slag kan. Ik ben weer een forens: in nette kleren met bus en trein de stad in, langs de andere campinggasten die ook in Perth werken, die je ’s ochtends bij het scheren ontmoet. Bij de beveiliging krijg ik een bezoekerspas, en zoals het een ambtenarencultuur betaamt, word ik veel te laat opgehaald. Ik kom bij de afdeling Behaviour Standards, krijg een werkplek, maar er is nog geen computeraccount en dus geen werk; ik moet maar een krant lezen. Als het account er is, blijkt er nog steeds niets te doen; ik ben de assistent van de administratieve assistent, en er valt weinig te assisteren.
Geweld tegen docenten
Op de derde dag wordt het ineens spannend. Er zijn parlementaire vragen gesteld over het aantal geweldsdelicten tegen docenten, en er is paniek op de afdeling. Het is mijn taak om voor 2004, 2005 en 2006 helder in kaart te brengen hoeveel fysiek geweld er door ouders en leerlingen tegen docenten is gebruikt; aan het begin van de middag heb ik de cijfers boven tafel. De dagen erna komen er soortgelijke opdrachten, vragen die al weken op de bureaus lagen, ook over drugsgebruik op scholen. In de trein lees ik als een echte forens The Western Australian; Australische kranten zijn van bijzonder slechte kwaliteit.
Tussendoor laten we de auto een grote beurt geven, via de garage van de broer van de bloemenman, voor bijna driehonderd dollar; we hebben er alweer tienduizend kilometer op zitten. Bij het rechtsaf slaan op een druk kruispunt glijdt de auto opeens weg, en met moeite houd ik hem binnen de lijnen, een eerste teken van wat later nog problemen geeft. Dan, op een ochtend, kruipt naast onze tent een tweede tent open, en daar komen Emiel en Heidi uit: Nederlandse vrienden, met wie het na een jaar meteen weer als vanouds is. We kopen snorkels, Floor haalt haar laatste loon op, en met een bos bloemen van de kwekerij op de kampeertafel maken we ons klaar om samen naar het noorden te vertrekken.
Het is vreemd dat ik als niet-Australiër zomaar op een ministerie aan de slag kan, om geweld tegen docenten in kaart te brengen.
Verder in de serie
Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.