We zijn vroeg op, want het wordt een lange dag, en omdat ze de straten met veel kabaal aan het vegen zijn. Over een drukke maar brede weg rijden we naar de splitsing waar het meeste verkeer afslaat naar Zonguldak; wij moeten naar Karabük. Bij een benzinestation krijg ik een kopje thee aangeboden terwijl Floor het toilet gebruikt. Waar gebeurt je zoiets, behalve in Turkije.
De weg naar Karabük is waanzinnig mooi. We rijden door een steeds smaller wordend dal waar de Turken druk bezig zijn de Yenice-rivier te kanaliseren en dammen aan te leggen. Op een theeterras worden handen geschud; we raken aan de praat met een Turks-Duitse man die drieënveertig jaar in Duisburg heeft gewerkt en hier nu het theehuis runt, dus de thee en de Fanta krijgen we voor niets. In Yenice worden we aangekondigd bij de lokantası en met gevulde paprika, een mix van aubergine en bonen, brood en salade onthaald; handen worden voor en na het eten gewassen en met kolonya besprenkeld.
Vijftien tunnels in het donker
Na Yenice wordt de route adembenemend. Vijftien kilometer lang rijden we door een nauwe kloof met rotswanden die tot bijna tweeduizend meter oprijzen. Waar de kloof het smalst is, moeten we door een vijftiental tunnels, onverlicht en pikkedonker, de langste ruim negenhonderd meter. Diep onder ons stroomt de rivier door een smalle canyon.
Vijftien onverlichte tunnels, de langste ruim negenhonderd meter, en alleen onze koplampen wijzen de weg.
Na de kloof komen we plotseling aan in het vieze, drukke Karabük, een staalstad van ruim honderdduizend inwoners waar de fabrieken hun rook uitspuwen. Voor de fabriekspoort is het onrustig: oproerpolitie en een luidruchtige menigte. Doorfietsen lijkt dan het beste, al heet de politie ons gewoon welkom met “merhaba”. Het is nog twaalf kilometer over een drukke weg, met klimmen en dalen, tot we ons kapot zweten.
Om in het oude deel van Safranbolu te komen, dalen we vanaf het hoogste punt af in een kloof vol oude Ottomaanse huizen, deels van hout, deels van steen: een UNESCO-locatie. Het aanbevolen guesthouse is verlept, onvriendelijk en duur, maar na een korte zoektocht vinden we een mooi, rustig en vriendelijk hotel voor zeventig lira, waar de dochters van de eigenaar de tassen naar boven dragen. Na een heerlijke Ali Nazik-kebab kijken we naar de halve finale Nederland–Uruguay, die Oranje met 3–2 wint.

Deze verhalen schrijf ik zelf, onderweg, zonder advertenties en zonder sponsor. Vond je het de moeite waard? Dan mag je me trakteren op een koffie of een biertje.
Jeroen
Foto’s uit Turkije



Waar deze dag ligt
Fietsreis van Praag naar de Kaukasus, nu in Turkije. Bekijk de hele route ›
Verder in de serie
Naar het reisoverzicht ›Spring naar een andere aflevering
- 58. De gevaarlijkste weg van de reis, naar Alaplı
- 59. Tussen stoppen en doorgaan, de klim naar Güneşli
- 60. Over de pas naar Devrek
- 61. Door de kloof en de tunnels naar Safranbolu
- 62. Een toeristenstad zonder toeristen
- 63. Over de pas naar de kliffen van Amasra
- 64. Naar het strand van Çakraz, op de avond van de finale
- Alle 105 afleveringen ›
Spring naar een andere reis
- Over land naar Singapore 2005–2006
- Roadtrip door Australië 2006
- Terug door Zuidoost-Azië 2006–2007
- Fietsreis van Praag naar de Kaukasus 2010
- Fietsreis door Nieuw-Zeeland 2015–2016
- Over land naar het oosten 2018
- Fietsreis door Zuid-Marokko 2024
- Fietsreis door Senegambia 2025–2026
- Fietsreis door zuidelijk Afrika 2026
- Te voet door Bulgarije 2026
- Te voet door Turkije 2026
- Alle reizen op een rij ›
Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Zonder advertenties
Ik schrijf en fotografeer alles zelf. Vind je het de moeite waard, trakteer me dan op een koffie of een biertje.
Jeroen