De dierenwereld van Australië is anders dan waar ook ter wereld, en dat komt door isolement. Het continent dreef tientallen miljoenen jaren geleden los van de rest en ontwikkelde sindsdien zijn eigen fauna, waarin de zoogdieren een andere weg insloegen dan elders. Het resultaat is een land vol buideldieren en enkele eierleggende zoogdieren, dieren die nergens anders in het wild voorkomen. Voor de reiziger is de fauna een van de opvallendste kanten van het continent, al is de kennismaking soms een dood dier langs de weg.

Buideldieren en eierleggers
De bekendste dieren zijn de buideldieren, die hun jong onvoldragen ter wereld brengen en het in een buidel verder laten groeien. De kangoeroes en wallaby’s grazen in de schemering langs de wegen en op de open vlakten; de wombat graaft holen in de grond; de koala zit hoog in de eucalyptus en komt zelden naar beneden. Nog ongewoner zijn de monotremen, de eierleggende zoogdieren: het vogelbekdier, dat in oostelijke rivieren leeft en zich zelden laat zien, en de mierenegel, die met zijn stekels en zijn lange snuit door de bush scharrelt. Beide zijn evolutionaire buitenbeentjes die alleen hier en in Nieuw-Guinea voorkomen.
Reptielen, vogels en de reputatie
Australië heeft een reputatie als een land waar alles je wil doden, en die reputatie is groter dan het werkelijke gevaar. Er leven inderdaad giftige slangen en spinnen en, in het noorden, zoutwaterkrokodillen die een reële bedreiging vormen, maar de meeste dieren mijden de mens en ongelukken zijn zeldzaam. Opvallender in het dagelijks reizen zijn de vogels: de loopvogel emoe die over de vlakten draaft, de kookaburra met zijn lach die als een aap klinkt, en de zwermen luidruchtige kaketoes en papegaaien die bij zonsondergang de bomen vullen. Ze horen bij het geluid van het land meer dan de gevreesde reptielen.
De ingevoerde soorten
Een deel van de Australische fauna hoort er helemaal niet thuis. Kolonisten brachten konijnen, vossen en katten mee, die zich zonder natuurlijke vijanden explosief verspreidden en inheemse soorten wegvaagden. Het beruchtste voorbeeld is de reuzenpad, in 1935 uit Midden-Amerika ingevoerd om een kever in het suikerriet te bestrijden. De pad at de kever nauwelijks, maar plantte zich razendsnel voort en trekt sindsdien als een gifgolf door het noorden, dodelijk voor elk dier dat hem probeert te eten. Ook de kameel, ooit als lastdier ingevoerd, leeft nu verwilderd in de woestijn, in de grootste wilde kudde ter wereld. De ingevoerde dieren zijn een van de grootste bedreigingen voor de oorspronkelijke fauna gebleken.
Langs de wegen van de outback ligt ’s ochtends de roadkill van de nacht: kangoeroes die in het donker het licht in sprongen. Het is voor veel reizigers de eerste en dichtstbijzijnde ontmoeting met het dier dat het continent symboliseert.
Plan je reis
- Overnachten in Australië: vergelijk accommodaties ›
- Activiteiten en excursies in Australië: bekijk op GetYourGuide ›
Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.
Meer uit Australië
Zelf deze route gereden, of plannen in die richting? Ik lees en beantwoord alles.
Laat een reactie achter ›Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.


