Australië is een land om te rijden. De afstanden zijn te groot en de bevolking te dun voor een fijnmazig openbaar vervoer; buiten de steden rijden bussen en treinen zelden en traag. Er bestaan wel enkele beroemde langeafstandstreinen, zoals de Indian Pacific tussen Sydney en Perth en The Ghan tussen Adelaide en Darwin, maar die zijn eerder een belevenis op zich dan praktisch vervoer. Wie het binnenland en de kust wil zien, doet dat vrijwel altijd met een eigen voertuig: een auto, een stationwagen met een matras achterin, of een campervan. De reis wordt daarmee voor een groot deel een kwestie van rijden, van benzine en van afstanden die in Europa ondenkbaar zijn. Tussen twee plaatsen kan een dag rijden zitten zonder dat er onderweg iets verandert.

De weg en de road-trains
De grote verbindingswegen zijn geasfalteerd, maar vaak niet meer dan één rijstrook per richting, een enkel lint door de vlakte. Daarop rijden de road-trains: vrachtwagens met drie of vier opleggers achter elkaar, tot vijftig meter en langer. Ze inhalen vergt ruimte en geduld, en een tegemoetkomende road-train op een smalle weg blaast een auto bijna van het asfalt. Tankstations liggen soms honderden kilometers uit elkaar, dus benzine wordt een planningskwestie: voltanken waar het kan, en water en een reserveband meenemen voor het geval het misgaat.
Het grootste risico op de weg zijn de dieren. In de schemering komen kangoeroes naar de wegkant, en een aanrijding met een volwassen kangoeroe legt een auto lam. De hoeveelheid roadkill langs de kant vertelt hoe druk het er ’s nachts is. Veel Australiërs rijden daarom niet na zonsondergang buiten de bebouwde kom. Voor de onverharde wegen, zoals de tracks door de Kimberley of naar afgelegen gorges, is een terreinauto met vierwielaandrijving nodig; een gewone auto komt daar niet ver, en pech op zo’n weg betekent lang wachten.
Een auto kopen en het leven op de camping
Veel langsreizende buitenlanders kopen bij aankomst een tweedehands auto of busje, vaak in Sydney, Melbourne, Perth of Darwin, en verkopen het aan het eind weer door aan de volgende. Er bestaat een hele markt van backpackervoertuigen die jarenlang van hand tot hand gaan, met wisselende betrouwbaarheid. Een robuuste, simpele auto is meer waard dan een luxe exemplaar: reparaties in de outback zijn duur en ver weg, en een model waarvan overal onderdelen te krijgen zijn, scheelt problemen.
Overnachten gebeurt op de talloze caravan parks, op aangewezen gratis kampeerplekken, of gewoon langs de weg waar dat mag. Een deel van het Australische binnenlandverkeer bestaat uit de grey nomads: gepensioneerden die maandenlang rondtrekken in campers van alle soorten en maten, tot hele huizen op wielen aan toe, de kou van het zuiden ontvluchtend richting het warme noorden. Op de campings vormen zij een vaste gemeenschap naast de jongere backpackers. Wie lang genoeg onderweg is, komt dezelfde gezichten telkens weer tegen, want iedereen volgt dezelfde paar wegen in dezelfde richting.
Bij een roadhouse op de Nullarbor kost de benzine een veelvoud van de prijs in de stad. Er is geen concurrent binnen driehonderd kilometer, en dat weet de pomphouder.
Plan je reis
- Overnachten in Australië: vergelijk accommodaties ›
- Activiteiten en excursies in Australië: bekijk op GetYourGuide ›
Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.
Meer uit Australië
Zelf deze route gereden, of plannen in die richting? Ik lees en beantwoord alles.
Laat een reactie achter ›Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.


