Door de Pilbara naar Tom Price

Published: Updated: 0 comments
Deel dit verhaalWhatsAppE-mailFacebookX

De vliegen blijven ondraaglijk: hoe warmer en droger, hoe meer, en ze zijn alleen in je gezicht geïnteresseerd, kruipen achter je bril en in je oren, vooral als je probeert te schrijven of fotograferen. Ze hebben gewonnen; we zetten het vliegennet op. We vertrekken vroeg van Giralia, over de North West Coastal Highway. Het eerste stuk gaat over haaks op de weg staande rode zandduinen, begroeid met spinifex: ze liggen evenwijdig, even lang en op gelijke afstand, gevormd door de vrijwel constante windrichting. We kruisen droge kreken, tot we van slag raken bij de Ashburton River, die wél water voert en zelfs stroomt; de laatste rivier met water zagen we bij Perth.

We splitsen de 440 kilometer niet, en dat is te veel voor één dag; we missen er te veel moois door, en we hebben geen haast. Sinds Giralia is het landschap dramatisch veranderd: veel reliëf, paarse en gele bloemen, miljoenen groentinten op een dieppaarsrode bodem, en rotswanden in rood en paars. We zien een wilde kat oversteken en een dingo bij een vers kadaver. Tom Price ligt als een groene oase in de woestijn, een mijnbouwcentrum omringd door bergen, waarvan de hoogste Mount Nameless heet; de Aboriginals vinden die naam belachelijk, want voor hen heet de berg al duizenden jaren Jarndrunmunhna. De camping kost twintig dollar, met uitzicht op de roodpaarse wanden, op een bodem van massief ijzererts waar de tentpennen amper in willen.

De lange rode duinen liggen evenwijdig en op gelijke afstand, gevormd door de vrijwel constante windrichting.

Zelf deze route gereden, of plannen in die richting? Ik lees en beantwoord alles.

Laat een reactie achter ›

Mooi verhaal? ☕ Trakteer me op een koffie.

Deel dit verhaalWhatsAppE-mailFacebookX

Laat een bericht achter


Meer inspiratie