
De eerste dag terug op de fiets, en meteen een lange. Tony en ik hebben een stevige wind in de rug, en omdat de route grotendeels saai, leeg en plat is, willen we vooral kilometers maken. Dat gaat verrassend goed. We rijden richting het zuidoosten, weg van de rechtstreekse weg naar Samarkand, omdat we onderweg Shahrisabz willen aandoen. Na de ziekte had ik erger verwacht, maar de wind duwt en we schieten op. Alleen komen we uiteindelijk pas in het donker aan.

De kleur moet van de mensen komen
Buiten de oude steden is Oezbekistan een kleurloos land. Dit is geen etappe van meloenstalletjes en groen; het is vlak, dor en eentonig, kilometer na kilometer hetzelfde.
Af en toe staat er langs de weg een kartonnen politieauto, bedoeld om hardrijders af te schrikken.
Bij een groot kruispunt in de gasstad Muborak staat een witbetegelde kloktoren, en ervoor wachten een vrouw en haar dochtertje op de bus, zij in een gebloemde jurk, het meisje in het roze. Tegen al dat grijs en beige springen ze eruit.
In de buurt van Kasan houden we halt bij een dorpshuis, want de schaduw kunnen we goed gebruiken. De zon is zo intens dat we met lange mouwen fietsen. Langs de weg staat een jongen met plastic flessen kamelenmelk. We drinken ervan; het is erg vet en vol, meer maaltijd dan drank.

Qarshi in het donker
Rijden met Tony is aan de ene kant gezellig, en samen tegen de wind scheelt. Aan de andere kant zijn we allebei gewend om alleen te rijden. Wie maanden solo onderweg is, beslist de hele dag in zijn eentje: waar hij stopt, hoe lang, wanneer hij eet, of hij omkeert voor een foto. Met z’n tweeën moet dat allemaal worden overlegd. Tony heeft daarbij een tamelijk dominant karakter, en ik doe ook graag wat ik zelf wil, dus het schuurt van twee kanten.
Omdat we door de grote afstand laat en hongerig aankomen, eten we langs de hoofdweg bij restaurant Abdukarim: kebab, somsa en koud bier. Daar hebben we last van een dronken man die vervelend wordt. Als wij boos worden, wordt hij door zijn vrienden weggetrokken. Alcohol levert onderweg ook dit soort momenten op, en het is niet altijd te zien of iemand alleen maar dronken is, lastig, of echt agressief. In dat opzicht reist het prettiger door landen waar niet gedronken wordt, al drink ikzelf na een zware dag op de fiets maar wat graag een biertje.
We delen een kamer in het Nasaf Travel Hotel. Eerst hebben we een ander hotel bekeken, dat Tony te duur vond. Dit was al goedkoop, maar hij dingt af tot het gaatje. Ik vind het een beetje genant. Hij geniet van afdingen, zegt hij.
Foto’s uit Oezbekistan
Meer foto’s uit Oezbekistan ›




Verder in de serie
Naar het reisoverzicht ›Spring naar een andere aflevering
Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.

