Een groot deel van de jonge reizigers in Australië werkt onderweg. Het land geeft mensen tussen de achttien en dertig uit een reeks landen een working-holidayvisum, waarmee ze een jaar mogen blijven en in die tijd mogen werken om hun reis te bekostigen. Dat visum heeft een eigen economie doen ontstaan: een netwerk van backpackershostels, campings, uitzendboertjes en seizoensoogst waar duizenden buitenlanders doorheen trekken. Wie langer dan een paar weken door Australië reist, komt er vrijwel zeker mee in aanraking, al is het maar omdat de mensen op de camping naast de tent er middenin zitten.

Het visum en de gestelde dagen
Er zijn twee varianten, bekend onder hun nummers 417 en 462, afhankelijk van het land van herkomst. Beide geven recht op een jaar verblijf met werk. Wie een tweede jaar wil, moet in het eerste jaar een vastgesteld aantal dagen in een aangewezen sector en regio hebben gewerkt: in de praktijk zo’n achtentachtig dagen specified work. Voor een derde jaar geldt een nog langere periode. Als geldig werk tellen onder meer landbouw en veeteelt, visserij, mijnbouw en bouw, en het moet in een landelijke regio gebeuren; de grote steden aan de kust vallen buiten de regeling.
Die voorwaarde stuurt de backpackers het binnenland en de kust in, precies naar de streken waar seizoensarbeid nodig is. De regels veranderen met enige regelmaat, dus wie erop rekent, controleert de actuele lijst van sectoren, postcodes en dagen bij de Australische immigratiedienst voordat hij een baan aanneemt. Een misrekening kan het verschil betekenen tussen wel of niet in aanmerking komen voor dat tweede jaar.
De plukeconomie
Het meeste van dat werk is oogstwerk. In de wijnstreek rond Adelaide, bij McLaren Vale, worden in het Australische najaar de druiven geplukt; verder naar het noorden, in het subtropische Carnarvon, gaat het om tafeldruiven, bananen en groenten. Het werk is zwaar, laagbetaald en vaak per stuk of per emmer afgerekend, zodat het tempo bepaalt wat een dag oplevert. De boeren zijn afhankelijk van de trek van deze arbeidskrachten, en de plukkers van het ritme van de seizoenen: als de oogst voorbij is, trekt de hele karavaan verder naar de volgende streek.
De samenstelling van die karavaan is internationaal. Op de campings staan Europeanen naast Aziatische arbeidsmigranten; in Carnarvon werken Vietnamese families al jaren in dezelfde kassen. Onder de reizigers heet het jagen op werk en dagen chasing the dollar: doorrijden tot er een boer met werk is, een paar weken blijven, sparen, en weer verder. Het is een manier van reizen die dichter bij het gewone Australische werkleven komt dan welke rondleiding ook, met alle sleur en verveling die daarbij horen.
Op een druivenveld bij Clarendon wordt per volle emmer betaald. Wie snel is, verdient goed; wie de slag niet te pakken krijgt, staat aan het eind van de dag met pijn in de rug en een tegenvallend briefje.
Plan je reis
- Overnachten in Australië: vergelijk accommodaties ›
- Activiteiten en excursies in Australië: bekijk op GetYourGuide ›
Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.
Meer uit Australië
Zelf deze route gereden, of plannen in die richting? Ik lees en beantwoord alles.
Laat een reactie achter ›Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.


