Home OceaniëAustraliëVoor 1788: vijfenzestigduizend jaar bewoning

Voor 1788: vijfenzestigduizend jaar bewoning

by Jeroen Kleiberg
Published: Updated:

Toen de eerste Britse schepen in 1788 aankwamen, was het continent al tienduizenden jaren bewoond. De oudste sporen van menselijke aanwezigheid, in de rotsschuilplaats Madjedbebe in het noorden, wijzen op zo’n vijfenzestigduizend jaar. In die tijd hebben de bewoners zich over het hele continent verspreid en zich aangepast aan elk denkbaar landschap, van de tropische kust tot de woestijn en de koude bergen van het zuidoosten. Het was geen leeg land dat in 1788 werd ontdekt, maar een volledig bewoond en doorleefd continent.

Oude okerkleurige handafdrukken en dierfiguren op de wand van een zandsteen-rotsschuilplaats in warm strijklicht

De oversteek naar Sahul

De eerste mensen kwamen aan in een tijd dat de zeespiegel veel lager lag dan nu. Australië, Nieuw-Guinea en Tasmanië vormden toen één aaneengesloten landmassa, door geologen Sahul genoemd. Zelfs met die lagere zeespiegel bleef er open water te overbruggen, wat betekent dat de aankomst een van de vroegste zeereizen in de menselijke geschiedenis vergde. Vanaf de noordkust verspreidden de groepen zich in de loop van duizenden jaren over het hele land. Toen de zeespiegel na de laatste ijstijd weer steeg, sneden de zeestraten Tasmanië en Nieuw-Guinea af en kreeg het continent zijn huidige vorm.

Megafauna en het beheerde land

In die vroege periode leefden er reuzendieren: buideldieren ter grootte van een nijlpaard, reuzenkangoeroes, loopvogels groter dan een struisvogel. Deze megafauna verdween rond veertigduizend jaar geleden, en over de oorzaak wordt nog gediscussieerd; jacht, de door mensen veranderde vegetatie en klimaatverandering worden alle drie genoemd, waarschijnlijk in samenhang. Wat vaststaat, is dat de bewoners het landschap actief beheerden. Met geregeld, laaggehouden vuur, het zogeheten fire-stick farming, hielden ze het bos open en de begroeiing gevarieerd, een praktijk waarvan de sporen tot zo’n zesenveertigduizend jaar teruggaan. Het beeld van passieve jager-verzamelaars klopt daarmee niet; het land werd gevormd en onderhouden, zij het zonder akkerbouw of vee zoals Europa die kende.

Honderden talen en handelslijnen

Bij de komst van de Britten waren er naar schatting meer dan tweehonderdvijftig verschillende talen in gebruik, verdeeld over honderden groepen met elk een eigen gebied. Over dat versnipperde continent liepen handelslijnen die goederen over enorme afstanden vervoerden: oker uit bepaalde groeven, parelmoerschelp van de noordkust die tot diep in de woestijn is teruggevonden. De kennis van het land, de waterplaatsen en de seizoenen werd doorgegeven in verhalen en zang, de songlines, die tegelijk als kaart en als geschiedenis dienden. Toen 1788 aanbrak, was er geen vierkante kilometer die niet aan iemand toebehoorde.

In de woestijn van het centrum is parelmoer teruggevonden, duizenden kilometers van de zee waar het vandaan kwam. De handelslijnen liepen dwars door een continent dat op de kaart van de nieuwkomers nog leeg was.

Plan je reis

Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.

Advertentie

Zelf deze route gereden, of plannen in die richting? Ik lees en beantwoord alles.

Laat een reactie achter ›
DelenWhatsAppE-mailFacebook

Nieuwe verhalen in je mail

Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.

Waardeer je dit blog?

Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.





Laat een bericht achter


Meer inspiratie