Home AfrikaNamibiëChakalaka naar Brandberg: ongelijkheid langs de weg

Chakalaka naar Brandberg: ongelijkheid langs de weg

by Jeroen Kleiberg
Published: Updated:
Onbemande kraampjes van steenverkopers langs de D1930 bij het dorp Nainais
Onbemande kraampjes van steenverkopers langs de D1930 bij het dorp NainaisAlle foto’s uit Namibië ›

We worden wakker na een eerste frisse nacht en vinden naast de tent ondefinieerbare uitwerpselen. Maurits, had jij last van de chakalaka? Ook ons poep- en pootboek van Namibië biedt geen uitkomst.

Het inmiddels noodgedwongen ritme van één nacht bush en één nacht camping bevalt goed. De campings in Namibië zijn, op een enkele uitzondering na, geen straf: mooie plekken, vaak met een douche, een restaurant en een zwembad. Dat laatste blijft bevreemdend in een van de droogste landen ter wereld.

Campings en ongelijkheid

Wat opvalt is hoe het werk hier is verdeeld. Het personeel is vrijwel altijd zwart. Welkome werkgelegenheid. De manager is negen van de tien keer wit. De eigenaar is een welgestelde witte Namibiër of, steeds vaker, een buitenlandse investeerder, bijvoorbeeld uit China. Zo’n verdeling roept de vraag op hoe dit land in elkaar zit.

Namibië heeft ruim 2,5 miljoen inwoners, met een grote zwarte meerderheid en een kleine witte minderheid, en het hoort tot de landen met de grootste inkomensongelijkheid ter wereld. Dat is een erfenis van de koloniale periode en van de apartheidstijd onder Zuid-Afrika.

Fietsen tussen twee massieven

Het land is leeg. Op het hoogste punt van de dag is er niets om ons heen. Aan de ene horizon ligt het Spitzkoppe-massief nog, aan de andere kant verschijnt de Brandberg. Geen dier te bekennen.

We stoppen en scannen met de verrekijker de volledige horizon. 360 graden leegte.

We fietsen op de hoogste berg van Namibië af, met een top van 2.573 meter. Van een afstand oogt hij als een donkere blokvorm, minder uitgesproken dan de Spitzkoppe. Hoe dichter we komen, hoe duidelijker het wordt dat het geen berg is maar een uitgestrekt granieten plateau met diepe insnijdingen en verborgen valleien.

Onderweg komen we langs eenvoudige hutten van golfplaat en houten palen, vaak zonder afbakening eromheen. Geen erf, geen hek, alleen open land. Wie hier woont is duidelijk minder bedeeld dan wie de lodges bezit.

Uis en de rand van de wildernis

We komen uit in Uis, bekend om de tin. In de tweede helft van de vorige eeuw draaide hier een grote mijn; na het instorten van de tinprijs in de jaren negentig viel die grotendeels stil. Tegenwoordig wordt er op kleinere schaal weer gemijnd.

Er wordt gezegd dat hier de wildernis begint. Laat maar komen. Ik moet alleen eerst een paar bandjes plakken.

Jeroen Kleiberg

Deze verhalen schrijf ik zelf, onderweg, zonder advertenties en zonder sponsor. Vond je het de moeite waard? Dan mag je me trakteren op een koffie of een biertje.

Jeroen

via iDEAL, eenmalig





Foto’s uit dit verhaal

Meer foto’s uit Namibië ›

Waar deze dag ligt

DelenWhatsAppE-mailFacebook

Verder in de serie

Naar het reisoverzicht ›
Aflevering 18 van 68 · Fietsreis door zuidelijk Afrika26% gelezen van de reeks
Spring naar een andere aflevering
Spring naar een andere reis
Jeroen Kleiberg

Jeroen Kleiberg

I like to explore some more

Nieuwe verhalen in je mail

Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.

Zonder advertenties

Ik schrijf en fotografeer alles zelf. Vind je het de moeite waard, trakteer me dan op een koffie of een biertje.

Jeroen

via iDEAL, eenmalig





1 comment

Mette 20 maart 2026 - 02:57

Klinkt als mijn beeld van Namibië uit de jaren negentig. Sommige dingen lijken helaas niet te veranderen…
Maar gelukkig is het landschap onveranderd mooi!

Grappig trouwens dat jullie in voormalig tinmijn gebied zitten en ik paar dagen terug de erfenis van voormalige kolenmijnen in Taiwan zag!

Mooie voortzetting van de reis gewenst heren!

Reply

Laat een bericht achter


Meer inspiratie