De wind komt op in de nacht en zwelt aan tot een voortdurend gebulder; de beschutte plek kan niet alles tegenhouden en de tent klappert een groot deel van de nacht. ’s Ochtends kijken we elkaar aan met een blik van: vandaag heb ik hier echt geen zin in. Gelukkig is er eerst koffie. Vandaag moeten we zestig kilometer fietsen met achthonderd meter stijgen, recht tegen de wind in. We hadden dit stuk oorspronkelijk met de wind mee gepland; door onze timing klopt de volgorde nu andersom.

Fietsen in de wind
Af en toe passeert er een 4WD met toeristen; stiekem hopen we dat iemand stopt om ons een stukje mee te nemen. Af en toe stoppen Namibiërs om te vragen of alles goed gaat, en dat zijn inmiddels de mensen met wie we onderweg het meeste contact hebben. Andere toeristen reizen in hun eigen 4WD-bubbel. Ramen dicht, airco aan.
We zitten langs de kant van de weg onder een zeldzame acaciaboom, niet uit de wind maar wel in de schaduw, wanneer een bestelwagen terugkomt die we eerder zagen. Op de zijkant staat “Same Day Delivery”. Ze stoppen en vragen of we iets nodig hebben.
Na veertig kilometer beuken zijn we murw. We vragen of ze ons kunnen meenemen tot de afslag naar de Naukluft. We spreken Afrikaans, wat verrassend goed gaat; Afrikaans is een directe afstammeling van het zeventiende-eeuwse Nederlands, en we concluderen al snel dat we blijkbaar een soort familie zijn.
Met fietsen en al klimmen we in de open laadbak. Met tachtig kilometer per uur razen we over het gravel. Tegenwind is ineens geen onderwerp meer. Bij de afslag stoppen ze niet; ze brengen ons nog tien kilometer verder, zodat we ook de laatste hoogtemeters niet meer hoeven te doen. Wij hoeven echt niet te bewijzen dat we kunnen fietsen. Dit is gewoon heel fijn.

De Naukluft
We komen aan in een vallei die onderdeel is van het Naukluft-gebied, een bergachtig deel van het Namib-Naukluft National Park, bekend om ruige kloven, droge rivierbeddingen en kleine waterpoelen tussen de rotsen. Het is ook leefgebied van de zeldzame Hartmann’s bergzebra, verschillende antilopen en bavianen. Toeristen trekken meestal naar Sossusvlei en Deadvlei; de Naukluft blijft daardoor relatief rustig, ondanks het spectaculaire landschap.
De ranger krijgt een lichte kortsluiting wanneer hij onze fietsen ziet. “Met welke auto zijn jullie gekomen?” We zijn komen fietsen. Dat veroorzaakt een soort system error: in de parken van Namibia Wildlife Resorts mag niet worden gefietst, en voor de permit moet een voertuig met kenteken worden ingevuld. We opperen om dan maar te doen alsof hij de fietsen niet heeft gezien, maar dan klopt de administratie weer niet.
We mogen eerst de tent opzetten en afkoelen in de rotspoelen verderop in de vallei; ondertussen bedenkt hij een oplossing voor dit wereldprobleem. We zijn de enige gasten, opvallend voor een plek die nauwelijks op de radar van toeristen lijkt te staan. Na het eten komt de oplossing. Maurits vult het kenteken van zijn Nederlandse Audi in. De administratie klopt weer, en nu de fietsen uit het zicht staan is het probleem voorlopig opgelost.
Meer uit deze serie:
← Wind en hitte, terug naar het plateau
Wandelen tussen de zebras →
2 comments
Heerlijk, ik zit hardop te gniffelen 🙂
Well done heren!
Haha, wat een zwaar leven heeft die ranger 😄