Mongolië wordt vaak afgedaan als één grote steppe, maar dat klopt niet. Het land kent een handvol duidelijk verschillende zones, van naaldbos en bergmeren in het noorden tot woestijn in het zuiden. Wat ze delen is de schaal en de leegte: vrijwel overal kun je tot de horizon kijken, en juist daardoor raakt het besef van afstand zoek. Een berg die een uur weg lijkt, blijkt na een halve dag rijden nog niet bereikt.

De grote zones
De steppe is de meest uitgestrekte zone, een golvend grasland van korte gele en groene pollen dat het midden van het land beslaat. Het is geen vlakte: het zijn kale heuvels en brede dalen, met in de drogere delen schraal gras en in de nattere delen voller, donkergroen gras vol bloemen. De kuddes en de witte gers vormen de enige schaalverdeling.
In het zuiden gaat de steppe over in de Gobi, een woestijn die anders is dan de zandwoestijn die het woord oproept. De Gobi bestaat grotendeels uit grind, kale vlakten en rotsachtige formaties, met hier en daar zandduinen. Het is een streek van extremen, met hete zomers en ijskoude winters, en bekend om de vondsten van dinosaurusfossielen.
In het westen verheft zich het Altajgebergte, het hoogste deel van het land, met gletsjers en de provincie waar de Kazachse minderheid woont. In het noorden, richting de Russische grens, wordt het landschap groener en bosrijker: hier liggen naaldbossen, taiga en het diepe Khövsgöl Nuur, een van de grootste zoetwatermeren ter wereld, dat met zijn bergen en bossen eerder Scandinavisch dan Aziatisch oogt. Het centrale deel rond het Khangai-gebergte heeft uitgedoofde vulkanen en kratermeren, zoals het Terkhiin Tsagaan Nuur. Mongolië is, kortom, gevarieerder dan de reiziger vooraf verwacht.

Een hard, droog en zonnig klimaat
Het klimaat is extreem continentaal: grote verschillen tussen zomer en winter, tussen dag en nacht, en weinig neerslag. Mongolië staat bekend als het land van de eeuwige blauwe hemel, met ruim 260 zonnige dagen per jaar. Die zon verandert niets aan de strengheid. In de winter zakt de temperatuur over grote delen tot onder de min dertig, en Ulaanbaatar geldt als de koudste hoofdstad ter wereld. In de zomer kan het in de Gobi tot rond de veertig graden oplopen, op de steppe tot een graad of dertig, en in de bergen blijft het koeler.

Voor de reiziger telt vooral het korte goede seizoen. Van juni tot en met augustus zijn de dagen lang en de wegen begaanbaar, met half juli het Nadaam-festival als hoogtepunt. De keerzijde is dat juli en augustus ook de natste maanden zijn: regen verandert de zandsporen in modder en kan een rondreis vertragen. Mei en september zijn droger en rustiger maar koeler. Het is verstandig in elk seizoen op kou te rekenen, want ook in de zomer zijn de nachten op hoogte fris tot koud, en de wind op de steppe en in de Gobi staat vrijwel altijd.
Een berg die binnen een uur bereikbaar lijkt, is na een halve dag rijden nog steeds een berg aan de horizon.
Plan je reis
- Overnachten in Mongolië: vergelijk accommodaties ›
- Trein- en bustickets in Mongolië: bekijk routes op 12Go ›
- Activiteiten en excursies in Mongolië: bekijk op GetYourGuide ›
Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.
Zelf deze route gereden, of plannen in die richting? Ik lees en beantwoord alles.
Laat een reactie achter ›Mooi verhaal? ☕ Trakteer me op een koffie.