Namibië is droog, en dat is de eerste en belangrijkste regel van zijn klimaat. Het grootste deel van het land is woestijn of halfwoestijn, met meer dan driehonderd zonnige dagen per jaar. Omdat het op het zuidelijk halfrond ligt, zijn de seizoenen omgekeerd ten opzichte van Europa: de zomer valt van november tot april, de winter van mei tot oktober. Voor de reiziger draait alles om dat onderscheid tussen het natte en het droge seizoen, want het bepaalt de temperatuur, de begaanbaarheid van de wegen en de kans om dieren te zien.

Nat seizoen en droog seizoen

Het natte seizoen loopt van november tot april en piekt tussen januari en maart. De regen valt zelden de hele dag; het zijn korte, hevige onweersbuien in de namiddag, waarna de zon weer doorbreekt. In die maanden is het binnenland op zijn groenst en staan de anders droge rivierbeddingen soms vol water. Het is ook de heetste tijd: op het plateau loopt het kwik op tot boven de 35 graden, en in de Namib kan het ruim boven de 40 uitkomen. De dieren zijn dan verspreid omdat er overal water is, wat ze moeilijker te vinden maakt.
Het droge seizoen, van mei tot oktober, is de klassieke reistijd. De regen blijft weg, de lucht is helder en stofvrij, en het wild verzamelt zich rond de overgebleven waterpoelen, wat het kijken in een park als Etosha betrouwbaar maakt. Daar staat tegenover dat de nachten koud worden: in juni, juli en augustus zakt de temperatuur in de woestijn en op de hoogvlakte ’s nachts tot rond het vriespunt, terwijl het overdag aangenaam rond de 20 tot 25 graden blijft. Een muts en een donsjas horen in die maanden net zo goed in de tas als een zonnebril.
In de Namib kan dezelfde dag beginnen met rijp op de tent en eindigen met een hitte waarin je de horizon ziet trillen.
De kust is een land apart

De kuststreek volgt zijn eigen regels. De koude Benguela-zeestroom houdt Swakopmund en Walvisbaai het hele jaar koel en vaak mistig, met temperaturen die zelden boven de 20 graden komen, ook als het honderd kilometer landinwaarts snikheet is. Wie van de woestijnhitte naar de kust rijdt, trekt halverwege een trui aan.
De beste maanden om Namibië te bezoeken zijn over het algemeen mei tot oktober, met de wildobservatie op haar best tussen juni en oktober. April en mei zijn bijzonder aangenaam: het land is na de regen nog groen, de lucht is fris en het stof is neergeslagen. Reizen kan het hele jaar, ook met eigen vervoer, maar in het natte seizoen kunnen gravelwegen en doorwaadplaatsen na een zware bui tijdelijk onbegaanbaar worden, iets om rekening mee te houden wie het noordoosten in wil.
Het droge seizoen levert de dieren, het natte seizoen levert het groen, en de keuze tussen die twee is eigenlijk de hele reisplanning.
Plan je reis
- Overnachten in Namibië: vergelijk accommodaties ›
- Trein- en bustickets in Namibië: bekijk routes op 12Go ›
- Activiteiten en excursies in Namibië: bekijk op GetYourGuide ›
Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.
Meer uit Namibië
Zelf deze route gereden, of plannen in die richting? Ik lees en beantwoord alles.
Laat een reactie achter ›Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.


