De oversteek naar Kongola betekent meer dan 200 kilometer door de Kavango-Zambezi Transfrontier Conservation Area, kortweg KAZA. Dit is het grootste grensoverschrijdende natuurgebied ter wereld, verspreid over Namibië, Botswana, Zambia, Zimbabwe en Angola. Samen goed voor zo’n 500.000 km² aan savanne, rivieren en wetlands. Hier leven grote populaties olifanten, leeuwen, buffels, nijlpaarden en talloze antilopen.
De weg die wij willen nemen loopt dwars door dit gebied, zonder hekken, zonder duidelijke scheiding tussen mens en dier. Dat maakt het bijzonder, maar ook onvoorspelbaar. In een tentje langs de weg kamperen is hier geen goed idee. Op ongeveer 90 kilometer zouden we kunnen overnachten op het terrein van het politiebureau van Omega.
We besluiten dit deel van de reis nog even uit te stellen en plannen een laatste stop langs de rivier. Dit keer bij de Popa Falls, in het nationale park waar je officieel niet mag fietsen. We hopen dat we er toch in komen. De oversteek door de smalle Zambezi-regio is voor mij een bucketlistmoment.
Bij de Shoprite in Divundu slaan we eten in voor de komende dagen. Het is de tweede keer dat ik hier ben en opnieuw blijkt: hier boodschappen doen vraagt tijd. Veel tijd. De paar kassa’s verwerken twee rijen tegelijk, niemand dringt voor, niemand zucht, en niemand lijkt haast te hebben; de cassières al helemaal niet. We staan rustig te wachten en realiseren ons dat we inmiddels ver genoeg van huis zijn om niet meer automatisch in de “opzij, opzij, opzij”-stand te schieten.

White Sands en de rivier
Met volle tassen steken we de rivier over. De Okavango stroomt hier nog breed en rustig, vlak voordat hij verder naar het zuiden afbuigt richting de delta in Botswana. Bij de politiepost na de brug over de Okavango is de strategie simpel: we noemen een camping dichtbij als bestemming. De kans dat een fietser officieel toestemming krijgt om dwars door het wildpark richting Omega te rijden is klein, dus vermijden we de bureaucratische discussie.

Bij aankomst op de camping worden we welkom geheten door een man met een brede lach en een opvallend gaaf gebit, zoals de meeste Namibiërs die we ontmoeten. De mensen zijn open en ontspannen. Geen gereserveerde houding, maar direct contact, oogcontact, een lach. Het leven is zo een stuk leuker.
Ik kan het niet laten om hem een compliment te geven over zijn gebit. Hij lacht en legt uit dat het geheim simpel is: gierstpap. Grote hoeveelheden. Liefst zonder suiker, maar met Lucky Star-sardientjes uit blik. Goed voor de energie en blijkbaar ook voor je tanden. Ik onthoud het, maar houd het voorlopig bij brood en pindakaas.

Popa Falls
Onze laatste dag aan de rivier besteden we hier. Sinds Rundu volgen we de rivier stroomafwaarts en vrijwel elke plek is geschikt om te kamperen. Het contrast met de woestijn is groot. Dat voelt inmiddels als een ander hoofdstuk.
De Popa Falls blijken geen watervallen in de klassieke zin, maar een brede zone met stroomversnellingen waar de rivier zich over rotsplaten perst. Het hoogteverschil is beperkt, maar de kracht en breedte van het water maken indruk, zeker nu er veel water staat. De camping ligt iets hoger, in een bocht van de rivier. Voor ons liggen uitgestrekte rietvelden en een dicht groen landschap dat je hier niet direct verwacht. Grote bomen zorgen voor schaduw en vanaf vrijwel elke plek kijk je uit over het water.

’s Nachts geen nijlpaarden langs de tent, maar het constante geluid van stromend water. Op de achtergrond het geruis van de rivier, boven ons een heldere sterrenhemel.
1 comment
Dank voor het delen!