Home AfrikaNamibiëVan wasbord naar infinity pool

Van wasbord naar infinity pool

by Jeroen Kleiberg
Published: Updated:

De hele nacht zijn de grondeekhoorns druk in de weer; stil is het geen moment, en af en toe klinkt er een vos in de verte. Wanneer we wakker worden, ligt er mist over de vlakte. De tent is nat en aan de struiken hangen druppels. Mist in de woestijn voelt vreemd, maar de beheerder legt uit dat het in deze tijd van het jaar normaal is: koele lucht vanaf de Atlantische Oceaan trekt ’s nachts het binnenland in en condenseert boven de koude woestijnvlakte. Het levert een bijzonder beeld op, een grijze ochtend die even goed in Nederland had kunnen zijn, ware het niet dat we hier in korte broek rondlopen tussen acacia’s en zand.

We hebben vandaag geen haast; de volgende camping ligt slechts dertig kilometer verderop. Rond de tent scharrelen grondeekhoorns, mongooses en een paar nieuwsgierige vogels, volledig gewend aan mensen en onverstoorbaar tussen onze spullen. In Solitaire is er zelfs een bakkerij; we halen vers brood en drinken koffie met belegde broodjes terwijl de mist langzaam optilt.

Dertig kilometer wasbord

De eerste kilometers verlopen soepel, de weg is vlak en goed te rijden. Maar al snel verandert het oppervlak in wasbord: korte ribbels van hard aangestampt gravel die ontstaan door zwaar verkeer dat het droge stof steeds opnieuw samenperst. Auto’s kunnen er met snelheid overheen zweven; op een fiets betekent het stuiteren. Het verkeer bestaat voornamelijk uit toeristen die vanuit Sossusvlei naar de kust doorrijden, en grote voertuigen razen voorbij en laten stofwolken achter. Soms verandert het oppervlak in los zand, even later weer in ribbels die het stuur laten trillen.

Zadelpijn, trillende armen en een zitvlak dat langzaam beurs raakt; hiervoor zit vaseline in de tas. Het landschap maakt veel goed: verspreid staan bomen en struiken, geel gras beweegt in de wind en een kudde antilopen rent springend door het landschap om zich even verderop bij een andere groep aan te sluiten. Aan de horizon verschijnen de eerste rode zandduinen en links en rechts liggen kale bergen die eruitzien alsof ze langzaam uit elkaar vallen in ronde, roodbruine blokken.

Geen camping, wel een kamer

De plek waar we willen kamperen lijkt perfect: een zwembad, uitzicht op roodbruine bergen en een ijskoud biertje in gedachten. De realiteit is anders: kamperen kan hier niet meer, chalets kosten 3.600 Namibische dollar per nacht, omgerekend zo’n 180 euro, en de camping zijn we acht kilometer geleden al gepasseerd, waar je inmiddels ook niet meer kunt staan. Sesriem is een optie maar ligt nog zestig kilometer verderop; dat plan laten we snel los.

De medewerkers bij de receptie zien onze gezichten en besluiten mee te denken. Er blijkt nog een gidsenkamer beschikbaar: 800 dollar per persoon. Terwijl we praten en lachen, zakt de prijs langzaam naar 1.000 dollar voor ons samen, vijftig euro. De kamer blijkt een ruime hotelkamer. ’s Avonds drijven we in een infinity pool en kijken naar wrattenzwijnen die rustig door het gras scharrelen.


Meer uit deze serie:
← Afdalen naar de Namib
De grader heeft zijn werk gedaan →

Laat een bericht achter


Meer inspiratie