Turkije ligt op een van de actiefste stukken aardkorst van Europa en het Midden-Oosten. Dat is geen abstract gegeven maar iets dat het land zichtbaar heeft gevormd: in de ligging van steden, in de manier waarop er wordt gebouwd, in de sloopkranen tussen de flats en in de borden op pleinen die naar een verzamelplaats wijzen. Voor de reiziger is aardbevingsrisico daarom minder een reden tot zorg dan een sleutel om te begrijpen wat hij ziet.
Een plaat die naar het westen wordt geperst
Anatolië ligt ingeklemd tussen de Arabische plaat in het zuidoosten en de Euraziatische plaat in het noorden. De druk van die botsing wordt niet opgevangen door plooiing alleen; de Anatolische plaat wijkt zijdelings uit en schuift met ongeveer twee tot twee en een halve centimeter per jaar naar het westen, richting de Egeïsche Zee.
Aan de noordkant wordt die beweging opgevangen door de Noord-Anatolische breuk, een rechtslaterale schuifbreuk die over een lengte van naar schatting 1.200 tot 1.500 kilometer dwars door Noord-Turkije loopt, van de Karlıova-driesprong in het oosten tot in de Egeïsche Zee. De breuk is in bouw en gedrag goed vergelijkbaar met de San Andreas in Californië. Hij passeert Istanbul op ongeveer twintig kilometer afstand, onder de Zee van Marmara door. In het zuidoosten doet de Oost-Anatolische breuk hetzelfde werk aan de andere kant van de plaat.
De geografie van Turkije is voor een groot deel het gevolg van die breuken. De lange, rechte dalen in het noorden waarin de doorgaande wegen liggen, volgen de breuklijn; dat de belangrijkste oost-westverbinding en het aardbevingsrisico samenvallen, is dus geen toeval maar dezelfde structuur.
De reeks die naar het westen kruipt
Wat de Noord-Anatolische breuk ongebruikelijk maakt, is de regelmaat waarmee hij in de twintigste eeuw is bezweken, telkens iets westelijker dan de vorige keer. De reeks begon in december 1939 met de beving bij Erzincan, met een magnitude van 7,9 en een breukvlak van ruim driehonderd kilometer aan het aardoppervlak. Daarna volgden bevingen die stap voor stap westwaarts opschoven, tot in 1999 ongeveer twee derde van de totale breuklengte was gescheurd.
De laatste twee schakels troffen het dichtstbevolkte deel van het land. Op 17 augustus 1999 om drie uur ’s nachts brak het segment bij İzmit, met een magnitude van 7,6 en een epicentrum vlak bij Derince, midden in de industriezone rond de Golf van İzmit. Op 12 november van datzelfde jaar volgde Düzce, magnitude 7,2, in de vroege avond. Samen kostten beide bevingen ongeveer twintigduizend mensen het leven; alleen al voor İzmit lopen de officiële tellingen uiteen van ruim zeventienduizend tot ruim achttienduizend doden.
Februari 2023: de andere breuk
De ramp van 2023 speelde zich af op de Oost-Anatolische breuk, ver van de reeks in het noorden. Op 6 februari om 04.17 uur lokale tijd trof een beving van magnitude 7,8 het gebied bij Pazarcık in de provincie Kahramanmaraş; negen uur later, om 13.24 uur, volgde een tweede beving van magnitude 7,5 bij Elbistan. Elf provincies in het zuidoosten werden getroffen. Het officiële dodental in Turkije is in februari 2024 door de minister van Binnenlandse Zaken bijgesteld naar 53.537, na een eerder cijfer van 50.783.
Dat de tweede beving bijna even zwaar was en op dezelfde dag kwam, verklaart een deel van de omvang: gebouwen die de eerste klap hadden doorstaan maar beschadigd waren, bezweken alsnog. Het getroffen gebied ligt buiten de klassieke reisroutes, maar de nasleep is er nog jaren zichtbaar in bouwputten, tijdelijke woonwijken en verplaatste bevolking.
De leemte onder de Zee van Marmara
De westelijke schakel van de Noord-Anatolische breuk, het stuk dat onder de Zee van Marmara langs Istanbul loopt, is in de twintigste-eeuwse reeks niet gebroken. Seismologen noemen dat een seismische leemte. De laatste zware beving in de Zee van Marmara wordt op 1766 gedateerd, en bij een gemiddelde bewegingssnelheid van twee centimeter per jaar is daar in tweeënhalve eeuw enkele meters aan spanning opgebouwd.
Hoe groot de kans op ontlading is, hangt af van het model. Een veel geciteerde berekening uit 2004, die de na-effecten van de beving van 1999 meeneemt, komt uit op 35 tot 70 procent kans op een beving zwaarder dan magnitude 7 nabij Istanbul binnen dertig jaar. Latere studies komen op andere percentages uit, maar niemand betwist dat het segment onder spanning staat. De gevolgen zijn doorgerekend: bij een beving van magnitude 7,25 op de hoofdbreuk zou naar schatting twee tot vier procent van de bijna een miljoen gebouwen in Istanbul zwaar beschadigd raken of instorten, en nog eens negen tot vijftien procent middelzware schade oplopen.
Wat ervan te zien is
Die cijfers verklaren wat een bezoeker in Istanbul en langs de Marmarakust dagelijks tegenkomt: hele straten met flats uit de jaren zeventig en tachtig die worden gesloopt en vervangen, sloopdoeken over halve blokken, en nieuwbouw met opvallend zware betonkolommen. Dat programma van stedelijke vernieuwing, kentsel dönüşüm, is de kern van het Turkse aardbevingsbeleid. Op pleinen en in parken staan bordjes met toplanma alanı, verzamelplaats, bedoeld voor de eerste uren na een beving.
Er is ook een keerzijde die het straatbeeld verklaart. Turkije kent een lange traditie van bouwamnestieën, waarbij illegaal of buiten de norm gebouwde panden tegen betaling alsnog worden gelegaliseerd. Bij de amnestie van 2018 zijn ruim 3,1 miljoen van zulke certificaten afgegeven, waarvan bijna 300.000 in de provincies die in 2023 werden getroffen. Na die ramp is de regeling stopgezet en heeft het Turkse constitutionele hof een bepaling vernietigd die de verantwoordelijkheid voor aardbevingsbestendigheid volledig bij de eigenaar legde. Wie in Turkije naar de bouw kijkt, kijkt dus naar twee tegengestelde krachten tegelijk: strengere normen en een halve eeuw legalisering van wat die normen ontweek.
Nuchter voorbereid
Voor een reiziger blijft het risico klein en het gedrag simpel. De Turkse rampendienst AFAD hanteert één instructie, samengevat als çök-kapan-tutun: zak door de knieën, zoek dekking onder iets stevigs, houd je vast, en blijf binnen tot het schudden stopt. Liften zijn tijdens en na een beving geen optie. Het loont om bij aankomst in een hotel of pension even te kijken waar de trap en de nooduitgang zitten, en wat de dichtstbijzijnde verzamelplaats is. Het algemene alarmnummer voor de ambulance is 112, de politie is 155 en de brandweer 110. Naschokken kunnen dagen aanhouden en zijn normaal.
In Istanbul staat op vrijwel elk plein een bordje met toplanma alanı: geen waarschuwing, maar een afspraak over waar de buurt elkaar terugvindt.
Plan je reis
- Overnachten in Turkije: vergelijk accommodaties ›
- Trein-, bus- en vliegtickets in Europa: vergelijk op Omio ›
- Activiteiten en excursies in Turkije: bekijk op GetYourGuide ›
Sommige links op deze pagina zijn partnerlinks: boek of koop je via zo’n link, dan verdient Bestemmingonbekend een kleine commissie. Jij betaalt niets extra.
Verder in de reisgids Turkije
Alle gidsartikelen ›Introductie en plaatsen
Achtergrond
Nieuwe verhalen in je mail
Eén bericht bij elke nieuwe aflevering, verder niets.
Waardeer je dit blog?
Een kleine bijdrage helpt om de verhalen te blijven schrijven.